Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

denkt alles te kunnen dwingen ... Maar 't leven geeft zoo weinig van wat je hoopt... van wat je verlangt... En als je ouder wordt, zie je wel in, dat 't beter is, maar niets te eischen, maar niets te willen... je te voegen naar de omstandigheden, niet oproerig te zyn, maar je te resigneeren ... je stil te resigneeren ...

— Neen, riep Cornelius onstuimig uit, dat nooit! Ik wil vechten voor m'n geluk! Berusten kan goed voor vrouwen zijn, maar 'n man vormt 't lot naar zijn wil, en dat zal ik doen, moeder, altijd!

Hij was zoo stralend-knap in zijn overmoed, zoo trotsch en sterk zag hij er uit, alsof hij werkelijk in staat zou zgn, het leven af te dwingen, wat hij wenschte, dat het hem zou geven. Johanna nam zgn eene hand in beide de hare, en: Word gelukkig ! had zij willen zeggen, maak je zelf gelukkig, want jij zal 't kunnen ...

Maar de Baad kuchte eens, en zei, óp de licht ironische manier, die hij vaak bij Cornelius aannam, omdat hij moeite had zijn volwassen zoon anders te beschouwen, te behandelen dan als een onmondige,' als een kind:

— 't Leven heeft er wel trotscheren, sterkeren klein gekregen, Cornelius. De mensch wikt en God^ beschikt.

— We zullen 't afwachten, zei Cornelius laconiek. Maar, moederlief, vertelt u me nu nog eens iets over de derde van m'n drie gratiën, Jetje Robbrechts, hoe gaat 't haar?

— Jetje is terug naar Amsterdam, zei zijn moeder, maar doe me 't pleizier, Cornelius, en

Sluiten