Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar... ik kan 't personeel in 't lagerhuis d'r maar niet toe krngen om evenveeltjes te bakken; ais ik 'k avond geef, dan zeggen ze: Menheer moet maar wafels- laten, bakken in de kraam op 't Westnieuwland, daar kan je ze zoo overheerlnk krngen, en, ze bezorgen ze thuis op elk uur van de avond A.. Nou, dat heb ik 'n paar maal gedaan, — maar 't begint me te vervelen, bovendien, wat zjjn nou wafels;, water en wind! We zullen dezen keer evenveeltjes hebben, daar heb ik m'n zinnen op gezet. Wil jg me daarin helpen, nicht-lief?

— Ik, neef?... zeker, neef, met genoegen. Hoe kan ik ? ...

— O, dat zal ik je wel vertellen. Ik heb 't recept voor evenveeltjes overgeschreven uit 't kookboek van m'n goeie, zalige moeder; hij haalde zijn portefeuille uit zijn zak: hier is 't al, en hij begon te lezen:

Evenveeltjes, hoe men die bakken zal.

Op elk pond bloem neemt men een half pond korenten, een half pond rozijnen en drie eieren; een kommetje gesmolten boter, een halve stuiver gist, een snkade-schil gesneden en een pintje warm gemaakte zoete melk, benevens een half pond broodsuiker, daar men dit alles mede beslaat, dat het niet te dik is; is heel goed...

Want ik wou res weten, of dat nou zoo'n heksentoer was. Kan jij evenveeltjes bakken, nichtje?

— Even veel als even lekker, neef!

— Nu, dan mag jij dat voor onze muziek-avond

Sluiten