Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

arm om haar middel legde, leunde zij met haar elleboog óp zijn schouder. Wat hield zij veel van hem, als hij zoo mannelijk, zoo krachtig sprak ... O, zij vertrouwde hem... en er kwam een gevoel van vrede en rust in haar, terwijl zij zoo bij hem stond, alsof zjj veilig was in zijn hoede.

— Ja... zei de moeder, dat ziet er nu heel aardig uit, maar... er is nog wel een andere reden, waarom Cantzlaer bezwaar maken zal.

— Nog 'n andere reden? vroeg Cornelius glimlachend.

— Ja, en dat is uw levensgedrag, jongeheer, zei de moeder met nadruk.

— Mijn levensgedrag! lachte Cornelius luid. Mijn beste mevrouw, dat is heusch niet anders dan van andere jongelieden! En... schijn bedriegt, zegt men. Maar de schijn, die op ons jongelui rust, is bedriegeljjker dan alle schjjnen, mevrouw, omdat wij altijd bloot staan aan laster en afgunst...

— We willen 't hopen, zei de moeder. Maar of u dezelfde trouw hebt betracht als Annemarietje...

Cornelius voelde het meisje een beweging maken, alsof zjj gekwetst werd door haar moeder's woordén, die immers misschien wel waarheid konden bevatten. Maar bij sloot haar in zijn armen, en fluisterde haar toe:

— En toch houd ik van jou-alleen, m'n lieveling, m'n eigen schat. En jij wordt m'n vrouw, Annemarie, m'n lieve, lieve vrouw...

Sluiten