Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den ouden Raad hadden geleefd, werden vrij goedig beoordeeld, ofschoon zij geen van beiden sterk-sprekende figuren in het gezelschapsleven waren geweest. Maar Johanna... alles werd haar verweten en ten nadeele van haar uitgelegd : haar schoonheid, haar hooghartigheid, haar verachting van de conventie... en wie zich haar vrienden hadden genoemd, mompelden thans boosaardig over haar, en wisten haar geheele levensgeschiedenis van phase tot phase naar waarheid te vertellen ...

De verpletterde vrouw scheen de algemeene veroordeeling te voelen. Na het eerste oogenblik van dompe verbjjstering, — zij was degene geweest, die, in intuïtieve onrust om zijn lang opblijven, zgn kamer was binnen-gegaan, en haar man dood had gevonden, — had zij in haar schrik de kracht ontvangen, kalm en beraden te zjjn. Zjj had alle sporen van het voorgevallene verwijderd; haar schoonzoon Claude en haar neef Allert Ruys ontboden en een ijlbode gezonden naar Cornelius op Aechtenskerke. Toén kón zg niet meer. En in haar eigen kamer had zg sinds gezeten, niemands nabijheid kunnende dulden, — star en koud, in een lichamelijke en geestelijke verstijving.

Claude en Allert Ruys hadden van de afwezigheid van Cornelius gebruik gemaakt, om zich. van de geheele situatie te verzekeren. Zg hadden alle kasten verzegeld, maatregelen getroffen voor de begrafenis, en den aanspreker opdracht gegeven ervoor te zorgen, dat deze waardig en

Sluiten