Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFDE HOOFDSTUK.

I.

Cornelius had zich sinds eenige jaren met zgn gezin, zgn vrouw Annemarie en zgn beide zoontjes Cornelius en Claesje, terug-getrokken op zgn landgoed Aechtenskerke.

Hij was een nog altijd knap en innemend man van nu veertig jaren, maar de gevolgen van zijn ongeregeld leven waren niet geheel spoorloos aan hem voorbij-gegaan. Ook de zorgen, het verdriet en de ergernis, waarmede hij voortdurend te kampen had, verouderden hem en maakten hem ernstiger in den omgang, ofschoon hij eiken tegenslag in een wilder zwjjmelroes te verdooven zocht.

Na den dood van zjjn vader was hem plichtmatig zjjn erfdeel uitgekeerd, door den notaris; hij was in geen enkel besluit gekend, en hjj had eenvoudig een zakelijke mededeeling ontvangen van de beslissingen, die er waren genomen. Hjj vond alles goed; hij had het niet anders gewild. Maar het smartte hem diep en heftig, dat hjj zjjn moeder nooit meer zag. Zijn bezoeken werden

Sluiten