Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

leek me 'n goed voortëeken . .. Maar heb je ooit zoo'n toon gehoord, Jetje?

— Ik weet 't niet, zei ze verward, haar ontroering over zijn spel en zijn daarop gevolgden handdruk nog niet meester. Maar zoodra zag zij niet in zjjn bewegelijk gezicht de weerspiegeling van haar eigen emotie, of zij wist zich te beheerschen en zei:

— Ik weet 't niet... want ik denk erover, of 't ook door jouw spel komt, door de wijze, waarop je alles van de viool tot z'n recht doet komen, dat de klank zoo prachtig is... Ik kan me begrijpen, ik voel 't, dat je, zoolang als je speelt, volkomen gelukkig ben ...

— Ja, zei hij, dat is zoo. En dat heb ik van klein kind af gehad. Als ik stout was geweest, en knorren had gehad, of gekibbeld had met m'n zusjes, dan ging ik naar 't tuinhuis, en speelde daar op m'n viooltje, dat de katten ervan weg-vluchtten. Van m'n moeder had ik m'n eerste instrument gekregen, 'n klein, citroengeel viooltje, zóo hard van toon, dat ik bjj de herinnering er nog van rillen kan. Maar zoo jong als ik was, ik had 't ding gauw ingespeeld, en inplaats van te mauwen en te krassen, kon 't soms werkelijk zingen ... M'n vader was in 't geheel niet muzikaal, m'n moeder hield veel van muziek, maar bespeelde zelf geen instrument; ik denk, dat ik m'n aanleg heb van 'n oom, die veel viool speelde, en muziek-avonden gaf. Ik was dol op hem, want hij liet me, zoo klein als ik nog maar was, nauwelijks acht jaar, meespelen

Sluiten