Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORWOORD.

Nadat er reeds voor den oorlog plannen waren geweest orn een Tweede Christelijk Sociaal Congres te houden, plannen, die echter juist door den oorlog in duigen waren gevallen, meenden eenigen dergenen, die in genoemd jaar bij de tenslotte mislukte plannen aanvankelijk hun medewerking hadden verleend, dat het na vier jaren oorlog meer dan ooit dringend noodzakelijk was, dat de protestantsche Christenen in Nederland samenkwamen om de op den voorgrond tredende sociale quaesties met elkander te bezien in het licht der Christelijke beginselen. Zoo kwamen dan op Dinsdag 10 September 1918, des namiddags om 2 uur in de consistoriekamer van de Kloosterkerk te 's-Gravenhage een dertiental heeren bijeen om te overwegen, of thans niet tot de bijeenroeping van een congres kon worden overgegaan. Die vraag werd bevestigend beantwoord, in verband waarmede men onmiddellijk overging tot de noodige voorbereidende maatregelen.

Op Zaterdag 5 October had ter zelfder plaatse een tweede vergadering plaats, waarin het algemeen bestuur van het congres aldus werd samengesteld:

voor de Antirevolutionaire partij : Prof. Mr. P. A. Diepenhorst te Amsterdam en C. van der Voort van Zijp te 's-Gravenhage;

voor de Christelijk-Historische Unie: Mr. Dr. J. Schokking te

Leiden en B. J. Gerretson te Rotterdam; voor de Antirevolutionaire Kamerclub: L. F. Duymaer van Twist te 's-Gravenhage en Mr. V. H. Rutgers te Boskoop; voor de Christelijk-Historische Kamerclub ; J. R. Snoeck Henke-

mans te 's-Gravenhage en Mr. R. van Veen te 's-Gravenhage; voor „Boaz": H. Diemer te Rotterdam, Kr. Timmers te Klundert

en P. Wielenga te Assen; voor „Patrimonium": P. Noordhof te Arnhem, C. Smeenk te

Arnhem en P. van Vliet te Zeist; voor den Chr.-Nat. Werkmansbond: Prof. Dr. J. R. Slotbmaker

de Bruine te Utrecht, P. J. Nahuysen te Utrecht en A.

van Ooy te Rotterdam; voor het Chr.-Nat. Vakverbond: H. Amelink en K. Kruithof

beiden te Rotterdam.

Sluiten