Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

producten vielen bedenkelijke symptomen waar te nemen. Noodlottig is de vermenging van het publieke bedrijfsleven met politieke bij bedoelingen; gedacht worde slechts aan de onzuiverheden die het verpoliticeeren der levensmiddelen voorziening met zich moet brenjgen.

Een derde moeilijkheid schuilt in de personeelkwestie. Hoe warme sympathie ook voor de ambtenaren als menschen moge worden gekoesterd, toch moet Mr. Smissaert worden toegegeven, dat ze anders zijn of anders worden dan gewone menschen. Zij zijn anders, omdat ze van nature de rustiger, zekerder, veiliger, enger afgebakende ambtelijke loopbaan verkiezen boven de onzekere kansen van het vrije beroep. Zij worden anders, krijgen die eigenaardige ambtelijke plooi, welke de arbeidsverrichting naar vasten regel onder hiërarchisch verband meebrengt. Wie zich aan geen plichtsverzuim schuldig maakt blijft ambtenaar en maakt de vaste promotie mee, maar in het particuliere bedrijf is het een gestadig worstelen en inspannen om de beste plaats te verkrijgen.

Bij de rijksambtenaren is de positie zoo buitengewoon «terk, dat de oud-Minister van G ij n, in de geheimen der ambtelijke hiërarchie doorkneed, zich gerechtigd achtte tot de krasse uitspraak: „Wat betreft dien ambtenaar van een departement kan men zeggen: zoolang hij niet met een stuk in zijn kraag in het Kabinet van den Minister komt en dezen uitscheldt, gaat hij er heusch niet uit". Die toestand is des te bedenkelijker, waar M r. van G ij n van ernstige misbruiken bij de aanstelling gewaagde: „Ongeloofelqk is het, hoe lieden van grooten invloed en groote beteekenis meedoen om personen, met wier geringe waarde zij bekend zijn of wel van wie zij niets weten dan dat zij familie of vrienden van hen zelf of hun vrienden zijn, op belangrijke plaatsen, of op minder belangrijke, doch in elk geval voor de betrokkenen ongeschikte, plaatsen, te brengen. Het schijnt, dat men er veel minder tegen opziet om den Staat een dienaar te bezorgen, die zeer wel tegenvallen kan, dan dat men zulks zoude doen bij een particuliere maatschappij of particuliere zaak".

Het kan niet anders of deze positie belemmert de krachtsontplooiing. p,De nivelleerende, gelijkmakende gedragslijn, welke de staat geneigd is te volgen, is weinig geschikt om de energie te prikkelen en verscherpt het gevaar van bureaucratische gevoelloosheid1, die verlammend werkt.

Met dat bureaucratisme hangt samen eene vierde bedenking, betrekking hebbend op het beheer dier bedrijven. De vraag, hoe eenerzijds aan de bedrijfsleiding voldoende vrijheid te laten, beslissingen op korten termijn doenlijk te maken, ruimte voor verschillend optreden, bij uiteenloopende gevallen passend, te scheppen enj anderzijds aan de verantwoordelijke bestuurders genoegzame zeggenschap te geven, is een ingewikkeld probleem dat reeds talrijken achter de magistrale en niet-magistrale ooren heeft deen krabben. Zeker heeft men zich bij de totstandbrenging onzer gemeentebedrijven dit bezwaar niet volledig ingedacht. Niet echter op onze verouderde Gemeentewet van 1851 drukt hier alle schuld. Wie de debatten leest, in 1909 in de Verein für Sozialpolitik gevoerd en kennis neemt van de buitenlandache literatuur, voelt dat hier alom en 4

Sluiten