Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te zijn? Niet het minst de politieke verantwoordelijkheid van de Regeering en van het dagelijksch bestuur van de gemeente bevordert die stemming, welke met een echt gevoel van verantwoordelijkheid voor zijn taak eigenlijk niets gemeen heeft.

Ook hier moet voor de overdrijving noch voor de werkelijkheid in h«t geschilderd tafereel het oog worden gesloten. Er is overdrijving. Het zou ondankbaar zijn niet te erkennen dat in onzen' Nederlandschen ambtenaarsstand het echte verantwoordelijkheidsgevoel krachtig werkt; dat zoowel in bedrijven als in andere takken van dienst de groote meerderheid dergenen, die posten van vertrouwen bezetten, dat vertrouwen waardig zijn, en met zorg en nauwgezetheid de belangen van hun dienst waarnemen. Wat de politieke verantwoordelijkheid betreft, kan niet worden ontkend, dat in vertegenwoordigende lichamen onderdeelen van het beheer meer ter sprake worden gebracht dan met een juiste opvatting strookt. Maar die onderdeelen raken dan in den regel hetzij personeelquaesties hetzij belangen van het publiek als afnemer van het bedrijf; in het algemeen kunnen onze openbare bedrijven over te groote vrijheidsbeperking in hun algemeen technisch en commerciëel beleid niet klagen. De politieke verantwoordelijkheid der Regeering en van het dagelijksch bestuur der gemeente moet ook niet worden voorgesteld als verder strekkend dan zij in werkelijkheid is. Een bewindsman is aansprakelijk voor al zijn daden, eni voor a 1 zijn verzuimen. Maar hij is niet aansprakelijk voor betreurenswaardige feiten, wanneer hij alles heeft gedaan en niets nagelaten wat zijn plicht medebracht; hij is niet aansprakelijk voor de daden van anderen. Zulk een aansprakelijkheid zou logisch ook volstrekt ongerijmd zijn. Een wethouder die een bedrijfsdirecteur zooveel vrijheid laat als met den aard van diens ambt strookt, die in het houden van toezicht, het geven van leiding en instructies in niets te kort schiet, kan niet worden aangevallen voor wat die directeur misdoet, natuurlijk mits de wethouder niet nagelaten heeft zijn misnoegen over de fout te doen blijken op zoodanige wijze als de zaak vereischte, en| tegen herhaling redelijkerwijs waarborgen schiep. Zoo is het ook met de ministeriëele verantwoordelijkheid. Het is niet alleen logisch ongerijmd om verantwoordelijk te stellen voor een fout, dus te veroordeelen, hem, wien niets te verwijten! is; maar het zou ook den last van het staats- of zelfs gemeentebestuur volkomen ondragelijk maken, wanneer daaraan inhaerent was aansprakelijkheid voor alle misslagen en verzuimen van de ambtenaren waarover men is gesteld. Een minister of wethouder, aangevallen over een misslag in het beheer van een bedrijf begaan, moet kunnen antwoorden: „ik zal een onderzoek instellen, en maar bevind van zaken maatregelen treffen", of zelfs: „ik laat zaken als deze aan den directeur over, en zoolang mij niet blijkt dat verkeerde toestanden daarvan het gevolg zijn, ben ik niet voornemens mij daarmede in te laten". Tegen overspanning van de politieke verantwoordelijkheid moet worden gewaakt, ook, maar niet alleen, in het belang van het beheer der overheidsbedrijven. In tusschen kan niet worden! ontkend, dat ook zonder zoodanige overspanning bij groote ondernemingen, als

Sluiten