Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de directie niet zonder meer staat onder de bevelen van een politiek orgaan, ook al zijn alle aandeelen in handen van staat, provincie of gemeente. Natuurlijk moet voor een overheidsbedrijf deze vorm niet worden gekozen met het oog op de beperking der aansprakelijkheid die ermede verbonden is; in de meeste gevallen, zoo mdet in alle, zal deze beperking practisch van geen beteekenis zijn. En ook moet het oog openstaan voor de gevaren verbonden aan het creƫeren van papier, dat de geheele onderneming representeert; de aandeelen vae het openbaar bedrijf zijn voor beleening of vervreemding vatbaar, en daarmede wordt ook een bedrijf, dat stellig overheidsbedrijf moet blijven, blootgesteld aan het gevaar in vreemde handen te geraken; eenl bezwaar waarop terecht is gewezen toen het denkbeeld is besproken de Indische staatsspoorwegen in te brengen in een daarvoor op te richten naamlooze vennootschap. Maar deze bezwaren behoeven niet steeds terug te houden van dien vennootschapsvorm^ die zich bovendien zoo bijzonder leent voor ondernemingen die uitgaan van samenwerkende publieke lichamen of van deze in samenwerking met particulieren. Overigens is ook op andere wijze aan een bedrijf vrijheid te verzekeren. Een voorbeeld geeft het ontwerp van minister Lely tot regeling van het staatsspoorwegbedrijf. Dat ontwerp wilde verzekeren, dat bevelen van hoogerhand slechts in zaken van beteekenis en op goeden grond worden gegeven. Daartoe werd voorgesteld de bepaling, die ook geldt voor het verkeer tusschen de Regeering hier te lande en den GouverneurGeneraal van N. O.-Indiƫ, n.1. dat bevelen aan het staatsspoorwegbestuur worden gegeven door de Kroon; waarbij minister Lely nog voorstelde dat die bevelen behoudens spoedeischende gevallen niet zouden worden gegeven zonder voorafgaand advies van den spoorwegraad. Geen bevelen dus van den minister, desnoods mondeling; maar alleen bevelen bij Koninklijk Besluit, ampel voorbereid, en! behoorlijk gecontrasigneerd. Een regeling van gelijke strekking is in 1914 in het leven geroepen in de instructie van den Opperbevelhebber van land- en zeemacht, wien ook niet door de ministers onder wie hij ressorteert, bevelen konden worden gegeven, maar alleen door den tijdelijken voorzitter van den Ministerraad vanwege dien Raad. Uit deze voorbeelden blijkt dat waarborgen tegen te ver gaande inmenging van het hooger gezag in de zaken van het bedrijf op staatsrechtelijke bezwaren niet behoeven af te stuiten; en dat zulke waarborgen kunnen worden in het leven geroepen zonder aan het bedrijf eigen rechtspersoonlijkheid te verleenen. Dat die rechtspersoonlijkheid weinig waarborg voor vrijheid van het bedrijf geeft, leert de Rijksverzekeringsbank, die haar bezit, maar voor welke het weinig beteekenis zou hebben gehad indien het voorstel ware wet geworden, eenige jaren geleden door minister Talma gedaan, bepalende dat het bestuur der Rijksverzekeringsbank onder de bevelen van den minister staat. In de practijk heeft zich de verantwoordelijkheid van genoemd bestuur aan den minister reeds ontwikkeld in de richting van ondergeschiktheid, zonder dat de eigen rechtspersoonlijkheid der Bank dit belette. En het beheer der staatsmijnen

Sluiten