Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SAMENVATTING.

Wanneer wij ten slotte het voorgaande in het kort samenvatten, zoo komen wij tot de volgende conclusiën:

I.

De directe inmenging van de Overheid met het landbouwbedrijf dient met inachtneming van een overgangstijdperk te worden gestaakt.

LI.

De indirecte bemoeiing dient te worden uitgebreid, zoowel ter verhooging der productie als ter verbetering van binnenlandschen en buitenlandschen afzet.

III.

Aan sociale maatregelen, rekening houdende met de landbouwtoestanden, moet meer aandacht worden geschonken.

IV.

Omtrent de financiëele resultaten van het bedrijf is met voldoende zekerheid weinig te zeggen. Allerlei onberekenbare factoren zullen daarop hun invloed doen gelden. Het is mogelijk, dat er nog een aantal voor den landbouwer gunstige jaren komen. Het tegengestelde is echter eveneens mogelijk.

V.

Voor den akkerbouw, speciaal op de betere gronden en voor den groven tuinbouw schijnen de vooruitzichten gunstiger dan voor de veehouderij — met uitzondering wellicht van fokvee — en de teelt van fijnere tuinbouwproducten.

VI.

Het gevolg daarvan zal vermoedelijk zijn eene uitbreiding van den akkerbouw en inkrimping van de veehouderij.

Sluiten