Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pioniersters, meest uit de feministische kringen der neutraal opgevoeden gekomen.

Dat zij die zoo hoog spanden kwam, omdat zij, evenals de meeste professoren en mannelijke studenten, nog te veel aan het antieke student-zijn, 't leven in een maatschappij op zich zelve, vastzaten en de universiteit uitsluitend beschouwden als kweekplaats van geleerden. Als heel het publieke leven, onderging echter ook het hoogeschoolwezen den invloed der toenemende democratie. Dit bleek, toen de H. B. S.-ers werden toegelaten; dit bleek ook, toen de vrouw binnentrad. Dit blijkt nog telkens uit een geheele wijziging van het universitaire leven in modernen stijl.

In Christelijke kringen begint de meisjesstudie toe te nemen, maar met den universitairen weg is men voorzichtig. De N. C. S. V. telt op de 799 mannelijke leden slechts 112 vrouwelijke, nauwelüks 14 %. De Unie van Gereformeerde meisjesstudenten in haar tweejarig bestaan 20 leden, voor het meerendeel ook lid van de N. C. S.V. Zij gaven onlangs een Dies-diner, waarover een der mann. afgevaardigden in het orgaan der Ger. corpora schreef, dat het in „voorbereiding en uitvoering" echt vrouwelijk was. Hij schreef hierover met enthousiasme en dit is verblijdend.

Een andere reden toch, waarom het universitaire leven voor de meisjes niet voldoet, is dat zij het studentenleven te onvrouwelijk hebben opgevat. Nu dit minder wordt, komt er veel meer begrijpen van de meisjes-studenten door de jongens en meer waardeering tusschen de seksen onderling. Hoe meer de meisjes zich in haar vrije uren als jongens gedragen; zich vormen in haar disputen en debatten naar bet mannelijk model; roeien in trui-en-broek; of tot laat in den nacht discussieeren en fuiven, hoe grooter haar physieke ongeschiktheid en de verwijdering tusschen de seksen.

De meisjes beginnen dat zelve in te zien en gaan er de jongens op wijzen.1) Het bijna huiselijke verkeer tusschen jongens en meisjes in gemengde corpsen, als Unitas, V. C. S. B. en N. C. S. V. werkt de normale verhoudingen in de hand en de ernstige bespreking der moeilijkheden tusschen de meisjes onderling en een steeds beter begrüpen daarvan door de jongens, reduceeren de bezwaren der academische studie voor meisjes tot de momenteele hersenoverlading aan de examens verbonden, die meestal een grooter of kleiner conflict met het vrouwelijk lichaam meebrengt, een conflict, dat echter ook bij de examens M. O. en soms zelfs bij de L. O. akten plaats heeft. In de meeste gevallen richt het geen onherstelbare schade aan. . .

Veel bedenkelijker is de onvrouwelijke voorbereiding der meisjes tot het student-zijn. Daardoors), maar ook door de meestal te groote vrijheid, die het meisje der H. B. S. en 't gymnasium van haar 12e tot 18e jaar buiten de schooluren geniet, is zij nog veel te weinig wouw als zij aan de universiteit komt. En iedere achttienjarige vrouw, die het publieke levensterrein betreedt, moet, bewust of onbewust,

i) Zie de Nrs. van Minerva Febr. 1919.

s) D. i. door een tekort aan vrouweiijke leiding op school èn aan vrouwelijke bezigheden na de lesuren.

Sluiten