Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

feiten, die tot den eisch drijft — waarmede een zijdelingsch bewijs is gegeven voor de grootschheid en den socialen kant van het Evangelie, dat immers alom zijn invloed oefenen moet en blijkbaar alleen den juisten blik verschaft ook voor de maatschappelijke vragen.

Wij geven een reeks uitspraken, opzettelijk zeer bont gekozen zoowel wat de sociale als wat de geestelijke overtuiging der zegslieden betreft.

Eerst is hier dan de vraag te vermelden naar een sociale Kamer naast een politieke. Men meene niet, dat in dezen gedachtengang niets zou .gewonnen wezen, omdat immers een sociale Kamer evenzeer als de politieke alle dingen legt in de handen van den staat. Want juist de samenstelling van zulk een sociaal lichaam wordt begeerd, omdat daar meer blik op het sociale leven, meer begaafdheid voor de sociale taak en meer onmiddellijke medewerking- van de volksgroepen zou gewaarborgd zijn. Zoo hebben Roomsche sociologen meermalen de ordening van ondernemers en arbeiders in beroepsstanden gevergd, waarna dezen dan een sociale Kamer • zouden kunnen samenstellen. Zoo heeft een liberaal man als Dr. Eerdmans gepleit voor een Eerste Kamer, gekozen door de Provinciale Staten, de Gemeenteraden, de Waterschappen^, de Kamers van Arbeid. Zoo heeft Mr. Anema, een Anti-Revolutionair, de gedachte geopperd, dat de Eerste Kamer de vertegenwoordiging worde van de maatschappij, terwijl de Tweede die blijve van den staat. En Mr. Treub, hoewel nadrukkelijk opmerkend, dat hij tot zijn beschouwingen niet komt vanuit christelijk oogpunt, acht toch organisme in plaats van individualisme als grondslag voor het staatsrecht onmisbaar eni meent, dat wij op weg zijn naar een hooger ontwikkelingsstadium van vertegenwoordiging dan wat door het algemeen kiesrecht verkregen wordt. Het maatschappelijk organisme moet zich afspiegelen. En hij zou een Eerste Kamer wenschen], saamgesteld uit werkgevers en werknemers, beide verdeeld over eenige groote groepen van bedrijven.

Voorts is er het zoeken naar „nieuwe organen". Op de Jaarvergadering November 1917 van den Vrijzinnig-Democratischen Bond bleek men zeer sterk het gevaar te gevoelen, dat in den komenden tijd scherpe arbeidsgeschillen zullen ontstaan. Daartegen zouden zoowel arbeiders als patroons zich moeten organiseeren, terwijl zij in dit streven door den wetgever zouden moeten worden gesteund. Want naast de behoefte, dat het tegenwoordig distributie-dwangstelsel spoedig verdwijne en dat de individueele krachten weer kans op volle ontplooiing erlangen, blijft het de taak van den wetgever om te zorgen, dat niet groepen van ons volk in dezen econcmischen &trijd ten onder gaan. De wetgever wachte dan echter niet alle dingen Van thans reeds fungeerende of nieuw te vormen zuivere staatsorganen, doch zoeke het in de lijn van onze Kamers van Arbeid, hoewel dan zonder twijfel belangrijk gereorganiseerd. In dezelfde lijn laat telkens Dr. J. van Hettinga Tromp zich hooren. De ervaring in Amsterdam opgedaan aangaande de •onmacht van den Gemeenteraad om de sociale ordeningen te vinden, doet hem vragen naar nieuwe organen, omdat deze ordening toch gevonden •worden moet.

Een Vrij-Liberaal man als Mr. Smissaert wordt toch eigenlijk gedreven

Sluiten