Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE DAG*

Gezellige Avondbijeenkomst.

Des avonds te half acht kwam men wederom voor een gezellige bijeenkomst in den „Werkenden Stand" samen. Daar werd allereerst door Dr. J. G. de Moor (Amsterdam) over „Drankbestrijding" gesproken.

Bij de behandeling der zaken, welke op dit congres aan de orde zijn, aldus zette Dr. de Moor uiteen, blijkt telkens, hoe ontzaglijke veranderingen de oorlog in onze denkbeelden en praotijk heeft gebracht. Men moge dit betreuren of toejuichen, het feit is niet te veranderen, en dwingt ons tot voortdurende bezinning aangaande de houding, welke ons voegt.

Dit geldt ook voor de drankbestrijding. Men denke aan de scherpe maatregelen, welke de oorlogvoerende landen tegen het gebruik van alcoholica moesten nemen; aan de drooglegging van N.-Amerika, waar na 16 Januari 1920 geen bereiding, verkoop, invoer, uitvoer of transport van bedwehnende dranken zal mogen plaats 'hebben; aan de maatregelen, welke bij ons genomen zijn tijdens de demobilisatie; aan de actie tegen het verknoeien van graan in een periode van broodgebrek om er alcohol uit te bereiden, en aan de Staatscommissie, welke aan den vooravond van dit congres benoemd is om de mogelijkheid te onderzoeken om zonder de industrie te knakken aan hét bedrijf der branderijen, distilleerderijen en likeurstokerijen eene andere richting te geven, meer bepaaldelijk ook na te gaan of het ter wille van de bestrijding van het alcoholisme mogelijk is, de productie van gedistilleerd, bestemd voor inwendig gebruik, te beperken of op te heffen; eene commissie, welker instelling bewijst, dat minister Ruys de Beerenbrouck zijn verleden niet verloochent, en waarin we ook met genoegen den vice-voorzitter van dit congres, prof. Slotemaker de Bruine, opmerken. (Applaus).

De conclusie van het eerste Christelijk Sociaal Congres, welke aldus luidde: „Ter oplossing van de sociale kwestie behoort mede, dat zoowel patroons als werklieden de onthouding van alcoholische dranken aanmoedigen en drankmisbruik tegengaan", was een compromis tusschen m verschillende gevoelens, dat overhelde naar den kant der geheelonthouding. Heden stellen wij geen congres-conclusie, doch, zoo spreker hoopt, wel een persoonlijke, die overeenkomstig den ernst van dezen ontzaglijken tijd is. Laat ons daartoe nagaan

lo. waarom we, als christelijk-sociale menschen, verplicht zijn, in dezen iets te doen;

2o. wat wij kunnen en moeten doen.

I. Wij zijn verplicht iets te doen omdat het alcoholisme groote schade

Sluiten