Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hier staat de huistafel met een lekker maal bedekt. Van op de piano groet mij Coco uit zijn groen kooitje. Tegen den muur, onder het afbeeldsel van Grootvader, staat nog altijd de goede, eerwaardige, gezellige canapé. Ik zit weder in mijn hoekje, onuitsprekelijk gelukkig, dat ik alles nog wedervind, maar ook verwonderd, dat er op zoo langen tijd zoo weinig veranderd is.

Nog denzelfden avond kloppen wij in den „Soeten naem Jesus" aan: Tante zonder brei, — zij weet wel, dat er op zulke dagen niet gewerkt wordt, — en ik met driehoeken, prachtig gebonden en verguld op snee, mijne prijzen, onder den arm.

Bertha, de lieve Bertha snelt toe. Zij ontvliedt mij niet meer, wanneer ik hare bevende hand in de mijne neem, hare slanke leest in mijne armen sluit en eenen kus op hare blozende wangen druk: den eersten, vurigen kus onzer jeugdige» eenvoudige, heilige liefde, eenen kus zoo rein, zoo kuisch, zoo vreemd aan alle aardsch verlangen, zoo verre verheven boven alle wereldsch genot, dat hij aan het geluk der engelen droomen doet.

Het goede meisje toont zich fier over mijne kleine zegepralen. Ik moet haar uitleggen, hoe hardnekkig elke prijs betwist werd, en hoeveel moeite het mij kostte om mijne mededingers te overwinnen. Ik moet verhalen van al de dagen mijner afwezigheid. Zij verbleekt, als ik haar zeg, hoe streng men ons op de kostschool behandelt; maar zij stelt zich weder gerust, als zij verneemt, dat wij er meestal met den schrik of eenige pensums afkomen; doch ik wacht mij wel haar te verhalen, hoe haar onschuldig geschenkje ontdekt, aangeslagen en wellicht verbrand werd.

Tante weet niet wat uitdenken om de vacantiedagen te vervroolijken en den bekroonden scholier te beloonen. Wafel-

Sluiten