Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zanger, die de ellende uit Vlaanderen zou kunnen schuifelen, uitdooven eene vaderlandsche stem, die "

— „Genoeg, Ulrich 1 assez, Ludolph! bedaar u, Hermann!" klinkt het uit alle hoeken.

Ulrich doet te midden van het gerucht nog eenige wanhopige gebaren.

De Voorzitter, voortlezend: „alwaar de eerewijn zal aangeboden worden."

De studenten vinden het beneden hunne waardigheid den overwinnaar in eenen prijskamp van vogelen te gaan afhalen, alhoewel men in de Vlaamsche Universiteitsstad voor de onbeduidendste zaken eerestoeten vormt, en er de maatschappijen altijd gereed zijn om, ter eere van alle soort van eerste prijzen, gaaischutters of bolders, dansers of teerlingers, met standaard en schild naar de statie te trekken.

„Mijnheeren", vervolgt de Praeses, „wij hebben nog een verzoekschrift te teekenen voor het herstel der Vlaamsche grieven, genoeg bekend."

— „Ja, ja!" en ieder teekent, zonder lezen, eene duizendste uitgave der Vlaamsche verzoekschriften, waarop evenmin acht wordt gegeven als op de negenhonderd negen-en negentig voorgangers.

De Geheimschrijver: „Wij hebben eenen brief ontvangen van den heer Baelens, die zijn ontslag geef£ als lid."

De Voorzitter, misnoegd: „Nog een, die wegloopt, vóór den strijd."

De Schatbewaarder, die nooit eenen anderen schat te bewaren heeft dan eenige onbetaalde rekeningen: „En zonder te betalen: hij staat nog twee frank zestig centiemen schuldig voor achterstalligen uitleg, boeten en halve boeten."

Allen te gelijk: „Dan kan hij zijn ontslag niet krijgen!" en met algemeene stemmen wordt beslist, dat de heer

Sluiten