Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoe zalig verlaat ik het feest!

Hoe lachend schijnt mij mijn eenzaam en naakt stagiairekamertje !

Wat zou het rozenkransje er mooi hangen boven den spiegel! Geheel de nacht door droom ik van de schoone Clara, die ik om een enkel knopje bid, en die mij geheel het kransje schenkt.

Van het eerste uur stond ik 's anderendaags op de bloemenmarkt

Het oud vrouwtje, mijne gewone verkoopster, zat nog haren koffie te drinken bij het kraam.

Ik wilde haar eenige uitleggingen geven over den ruiker, dien ik wenschte.

„Ik weet wel, wat Mijnheer behoeft. Binnen een half uurtje zal alles gereed zijn", zegde zij en nam reeds een heliotropenstruikje tusschen de vingers. Toen ik terugkeerde, stond het tuiltje in eene flesch te wachten, keurig, smaakvol, welsprekend vooral, maar duur ook: ik besteedde de laatste franken, die mijn uitstapje in de „groote wereld" mij overgelaten had.

„Als gij mij nu het adres wilt geven, zal ik voor het overige zorgen", beloofde knipoogend de oude; en den ruiker eens rondkèerend, „hij zal effect maken", verzekerde zij, terwijl ik mijne laatste muntstukken op den hoek van het kraam aftelde.

Den geheelen dag bracht ik in de uitzinnigste droomen door.

Ik verbeeldde mij de aankomst van mijnen ruiker bij de schoone Clara en hare verbazing hij het begrijpen, dat zij zelve de heldinne was van het verhaal, hetwelk ik haar deed.

Zij kon niet ongevoelig zijn voor eene zoo vurige, zoo teedere liefde als de mijne, en zouden hare ouders iets

Sluiten