Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Zoo, godin op je voetstuk, je denkt dat je heel wat ben."

„Ik hoop ten minste door studie iets te worden."

„Oo, wat is 't hier toch een huis vol onuitstaanbare wezens! barstte Ida los, haar kroeshaar borstelend, alsof het een stoffig tapijt gold. Jenny's ernst werd daardoor 't onderste boven geworpen, en er kwinkeleerde een jolige schater door het stille huis, als er slechts zelden gehoord werd; een schater die een glimlach wekte om Mathilde's droeven mond, in de kamer daaronder, en Trude, uit haar eersten slaap gehaald, deed grommen: „O héérlijk, eerst dat spektakel met dat gezang, en nou gelach." En Trude trok de dekens over haar oor en. „Als 't nou maar uit is."

„En wat is Ida Polenius, als ik vragen mag, de onuitstaanbaarste?" plaagde Jenny.

„De draaglijkste. Als iedereen hier nog zoo was...."

„Zoo'n engel...."

„Kind, als alles zoo naar is om je heen, is 't nog een aartswonder dat je bent als ik ben."

En zielstevreden in dien waan, stapte Ida in bed, en begroef haar neus diep in het kussen. *

Toen haar moeder, kort daarop, in de kamer kwam, met een paar van Ida's kraagjes, bij ongeluk verdwaald in Mathilde's linnenkast, veinsde deze jonge dame mama niet te hooren. Zij had niet graag mama op haar kamer, beschouwde het als een soort van vrijpostigheid die Mathilde nam.

„Slaapt Ida?" vroeg Mathilde Jenny, die de schouders ophaalde. Mathilde deed eveneens, gissend hoe het met Ida gesteld was; ging zachtjes heen.

„Die verrukkelijke karakters allemaal. Heb daar nu maar altijd als moeder de noodige toegeeflijkheid voor. Aanbid de dochtertjes tóch, al trappen ze op je."

Er waren van die dólle moeders, die altijd maar in vrome vereering naar de lieve telgen opblikten, om den minsten wensch in de beminde oogen te lezen; voor die malloten hadden de kinderen geen fouten. Dank je hartelijk, mevrouw Polenius-van der Pel wist wat zij had aan de hare. Zoo'n nest, die Ida. Schepseltje dat zichzelf te kleingeestig liefhad om oprecht te zijn tegenover eigen ik; dat nog de gevolgen

Sluiten