Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verwisselden nu en dan in mevrouw Frederiks levendige verbeelding hun turf en hout voor spek en worst. Mathilde's mond trok bijeen in berustende minachting. Zij wilde zich tot kalmte noopen. Zij noodigde met kort handgebaar Suzanne en Etha tot zitten uit. Dit handgebaar, zonder dat Mathilde het wist, achteloos-voornaam-bevallig als dat eener prinses, ergerde mevrouw Frederik tot dólwordens toe. Zoo'n ongehoorde brutaliteit, zoo'n gedurfde aanstellerij van iemand die geen sou inkomen had, die van haar en haar man lééfde! Etha, gelijk haar tante, in afwachting van het verdere loslaten der booze bui harer moeder, zette zich schuchter. Suzanne bekeek, alvorens daartoe over te gaan, eerst den stoel als was er iets vies an; lichtte daarna haar fluweelen mantel op, en liet zich met bedenkelijk gezicht neder. Mathilde, haar onwil daartoe ten spijt, klemde; voelde hoe het bloed haar stroomde naar wangen en ooren en, schoon zij Suzanne niet aankeek, hoe deze ervan genoot dat zij zoo heerlijk raak gebeten had. Etha, die nu bedeesd gedoken zat in haar smaakvol j eugdig-eenvoudig wandelcostuum, en toekeek onder den rand van haar grooten zwarten Rembrandthoed uit. Etha, hét jonge meisje van goeden huize, belichaming der gedistingeerdheid welke haar moeder miste, — bloosde van verlegenheid over mama's grove doen, beet haar lip.

En Mathilde, haar parmantige schoonzuster negeerend, doch Etha aanziend, gevoelde iets liefs en warms in haar hart opbloesemen voor deze achttienjarige, met haar mooi-ernstig sprekend gezichtje gevat in zijn ovale lijst van golvend rosbruin haar, dat in een zwaren knoop kronkelde tegen den nek aan, en zoo eigenaardig deed tegen haar blanke zacht geronde wangen en groote diep-blauwe kijkers. De oogen van Frederik, donkerder en dauwiger, onder een paar regelmatige bruine wenkbrauwbogen. „Wat toekomst," dacht Mathilde, „was dit kind beschoren met zulk een moeder en vader? De lieve Suzanne, die elke edelmoedige opwelling belachelijk vond, die altijd maar geld zag, altijd berekende; de aangename Frederik, die evenals zijn vrouw zijn goede afkomst beschaamde en je ordinairste parvenu bleek." Alle pogingen welke zij, Mathilde had aangewend om Etha wat nader te

Sluiten