Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mijn woorden na. 't Zaad moet wortel schieten, laat er maar eens 'n tranenbuitje over heen gaan. La nuit porte conseil. Morgenochtend ben je vereerd en blij dat ik, Mr. Frederik Polenius zoo tegen jou gesproken heb, ik ben, om den duivel, niet de eerste de béste."

„Je bent afschuwelijk, afschuwelijk." „Ook al goed. Nu dag Matty, dag schat. Ja, wijs maar naar de'deur, ik moet je nu eenmaal zoo noemen, 't woord heeft me al jaren gekweld. Nu is 't er uit. Ik ben afschuwelijk, omdat ik je een prachtige eervolle positie aanbied, ha ha ha! Er zouden nog wel mannen zijn, en enfin, zwagers, die heel wat anders zouden durven aanbieden, héél wat anders, en dan zou 't nog met graagte worden geaccepteerd voor geld of zonder geld. Ik heb voor geen sou vertrouwen in jullie vrouwen. De gevallen waarin ik voor echtscheidingen zit, bewijzen 't me genoeg. En of ze mij willen hè? Wat méér is: óf ze 'r op vlassen dat ik me van Suzanne losmaak!

Of ze toespehngen maken! Dag Matty hou jij je handen

maar op je rug, kind, als een klein meisje. Zoo naïef als je nog bent; goddelijk-lief. die naïveteit. Je duizend gulden

krijg je tóch dat doe ik nog voor Paul, maar natuurlijk

't meest voor jezelf. Altijd goeie vrienden, hoor lieveling."

Vóór Mathilde het verhinderen kon, had hij zijn armen om haar heen, was zijn gezicht vol op het hare, brandde haar zijn adem en werden haar lippen geschroeid en verpletterd onder zijn vlamheeten kus; zijn snor, zijn baard drukten hun ruigte in het dons harer huid, deden haar pijn. Zij trilde van weerzin en woede; doch tegelijkertijd vertoornde zich haar lichaam in een soort van onmacht, een bedwelming tegenover den overweldigenden hartstocht van dezen man, die hijgde als een krachtig dier, wiens oogen groot en donker gloeiden in zijn bezweet gelaat, wiens neusvleugels zich spalkten en weer introkken. Zij vond eindelijk de macht de hand te heffen, hem weg te slaan, maar daar haar tong alle lenigheid verloren had, vermocht zij geen woord te uiten, en eer zij er zich van bewust was, had hij de deur achter zich dicht. Haar houding had hem misschien eenigszins tot zichzelf gebracht. Zij luisterde naar zijn voetstappen ferm en vast, een

Sluiten