Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van pensionjuffrouw zou worden. „Dat hóéfde toch niet, zij konden best leven zoo. 't Was een vernedering! Gelukkig scheen niemand op het gym die Avondpost te hebben gelezen."

Mathilde kreeg, daar de advertentie er eenige malen in stond, nog verscheidene kijkers, waarvan enkele, zeer onbescheiden, alles wenschten te weten betreffende haar omstandigheden; andere bij haar wilden komen op voorwaarden zoo matig, dat het belachelijk was. Een indische dame verlangde om twaalf uur zelf haar rijsttafel in de keuken bij Geesje te bereiden, „die haar natuurlijk wel zou helpen daarbij"; en Mathilde gedacht de wanhoop van mevrouw Helm en Everdien, met betrekking tot dames die zelf wilden gaan koken.

Eindelijk — toen zij de hoop op het vinden van een geschikte inwonende geheel had opgegeven, en, steeds met dat schrikbeeld, haar zwager, voor oogen, begon te bepeinzen of het ten slotte niet beter was op andere wijze werk te zoeken — kwam een vriendelijke vroolijke onderwijzeres, die twee dagen in de week naar Rotterdam moest om les te geven, en blijde bleek vlak bij het station te kunnen wonen, haar uit den nood helpen.

Mejuffrouw Droste's verschijning van knappe, kloeke blonde veertigjarige, deed Mathilde aanstonds prettig aan; zij kwam haar fermer en wilskrachtiger voor dan de vele teemerige heeren vrijgezellen, die op de kamers waren afgekomen. Zij beknibbelde Mathilde gelukkig niet op den gevraagden prijs, daar zij, buiten haar salarissen van onderwijzeres aan verschillende scholen en bij particulieren, eenige middelen van zichzelf bezat. En hoewel Mathilde het voor haar iets minder wilde stellen, daar zij de vacanties uitgezonderd, twee dagen vast buiten de stad was, verlangde zij dit niet eenmaal.

„Als ik nu en dan eens iemand ten eten kan hebben, schikt dat zich zoo wel weer, mevrouw. We komen dan elkaar weer tegemoet."

Zij had zulk een goedrond open gelaat, en toen zij, met haar innemenden breeden lach, Mathilde de hand drukte, voelde deze hoe zij met een best mensch te doen had, en haalde zij verlicht adem dat déze berghooge zorg niet langer

Mathilde Polenlus. 10

Sluiten