Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Jij bent nu alles wat ik heb, Frits 1" jammerde zij. Hij wees haar op Etha.

„O ja ja, Etha, natumlijk.... Jij ook, Etha."

Het meisje zei niets, keek haar moeder maar aan met haar groote, stille, donkerblauwe oogen. „Ten minste geen komediante die," dacht Frederik. „Dat heeft ze van mij."

Hij dankte inmiddels zijn gesternte dat hij de voorzorg had genomen den kondukteur een fooi in de hand te stoppen, opdat zij ten minste vooreerst alleen zouden blijven in dien coupé eerste. De luchting van Suzanne's dochterlijke aanhankelijkheid, vroomheid, echtelijke genegenheid en dergeüjke lofwaardige gevoelens meer, schoon zeker voor vreemden hoogst belangwekkend, was toch beter besloten binnen den engen koker van den intiemen familiekring. Eveneens haar a.s. toorn over wat hij ging zeggen, want hij had iets op het hart dat hem uit den mond moest. „Ik zal Mathilde dan wel uit Brussel kennis geven, zeg, van 't overlijden van je papa .... omdat we in den Haag geen tijd meer hadden en zoo...."

„Ik zou niet weten waaróm," viel Suzanne, wier sedert eenigen tijd ingeslapen argwaan dadeüjk weer ontwaakte, met haar eigenaardige scherpte uit. Haar eenigszins weeë zoetsappigheid verdween geheel en al, zij werd gansch de oude. ..Ik zou niet weten wat dat mensch op den Stationsweg te maken heeft met papa. Ze heeft papa net twee, drie keer in haar leven gezien."

Maar Frederik wilde de gelegenheid om Mathilde zij 't dan ook zijdelings en op min of meer officiëele wijze te naderen, niet laten ontsnappen. Hij was slechts al te blij die gelegenheid te hebben.

„Hoor eens, Suzanne, Mathilde is de weduwe van mijn eenigen broer. Zij kan niet helpen dat ze geen fortuin heeft, als jij.... Ze verdient alle achting en daarom zal ik...."

„Maar m'n god, als ik je dan toch zeg, dat ik 't niet wil, 't is toch mijn vader. Als 't nu jóuw vader wasl"

Etha zuchtte. „Dat moest er nog bijkomen, dat mama en papa een scène hadden in den trein."

,,'t Mensch kan 't in de courant lezen van avond!" snerpte Suzanne. ,,'t Is haar plicht me te condoleeren."

Sluiten