Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

even raadplegen der controle, door mevrouw Helm fluisterend aangeduid als „het hoog gerechtshof" „ces dames", met luchtig handgebaar en buigend, uitnoodigde hem te volgen. Zij hielden hem voor Nolette's secretaris. „Hij rook héérlijk naar pommade," getuigde Everdien, „zijn hoofd moest hem wel drie gulden kosten, en wat liep hij netjes, hij danste, hij zweefde, zeker een fransche loop." Jenny, tot wie deze woorden waren gericht, glimlachte maar. Zij vond het bijna heiligschennis nu aan iets anders te denken dan aan het verrukkelijke dat komen ging. , | j Met een tweede buiging wees de galante heer hun heel vooraan vijf plaatsen, en reikte twee programma's uit. Daarop verwijderde hij zich met een derde buiging na een fransch bedankje van Mathilde in ontvangst te hebben genomen; door Everdien en Ida, wie zijn knappe gestalte blijkbaar zeer beviel, behoorlijk nagestaard. Everdien spalkte nog eens de neusgaten. „Zóó'n héérlijke odeur, zeker van Parijs. Hij heeft 'n bloem in z'n knoopsgat, 'n knop, zag u wel, moe:?

„Zóó'n inan om mee geëngageerd te zijn," dacht Ida, die hem net zoo lang in de oogen geturnd had, tot hij haar een verwonderden blik had gegund.

„Voordeelig, die programma's," bedacht Everdien „we

zijn waarlijk op een koopje uit, hi hi hi."

„Nou, maar üe neem 'n voetbankje, hoor, besloot de oude mevrouw, „Eef, als je soms iemand er mee ziet, ik kin er gewoon niet zonder, dat weet je."

Everdien wuifde met haar programma een haastig toeschietenden kellner, die meende dat de dames iets wilden gebruiken; de belachelijkheid van welk idee, daar zij voor het van huis gaan thee hadden gedronken, Everdien zóó overweldigde, dat Mathilde het woord maar voor haar deed. Toen de oude mevrouw naar den eisch „bevoetbankt' was, verdraaiden de dames Helm zich schier de halzen om te zien wie er al zoo inkwam" en of zij daaronder kenmssen konden ontdekken. „Lekker," verheugde zich Everdien „in zoo n licht zaaltje kan je de menschen zoo gauw gewaar worden. We zitten prachtig, hè moe?"

„Nou kind, onze vriend heeft maar wat heerlijk voor ons

Sluiten