Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kwam zij nu jaloersch op voor haar kind, terwijl haar hart zich bang toeneep. „Jenny was een beeldje in dat roze."

„Zag er heel lief uit, zeker, machtig lief, maar haalde met bij haar moeder vroeger, haalt zelfs nü nog niet bij haar moeder."

„God, Henri, hoe kun je nu zulke gékke dingen zeggen, ik ben een ouwe vrouw, en Jenny is een ontluikende bloem. Ze was een roos op je soirée. Jenny belooft prachtig te worden; ik heb gisteravond zooveel complimenten over haar gehad."

„Ik zeg niet dat ze niet mooi worden zal, maar nooit een Mathilde."

„Dat hoeft ook niet, ze is zichzelf, ze is Jenny Polenius," de naald beefde in Mathilde's vingers. „Jenny Polenius, juist."

„Je vind 't zoo'n geschikt en naam voor een zangeres, hè? Jenny zei 't me."

„O ja, 'n uitmuntende. Beter dan bijv. van der Meulen of Verpoorten. Je kunt er nu wel niets aan doen als je zoo heet, maar 't klinkt niet, buiten Holland. En van buiten Holland moet Jenny 't toch hebben. Ja, en wat ik nu zeggen wil, Matty, over veertien dagen ben je wel met haar klaar, hè, dan reis je met haar naar Berlijn, en kom ik jullie van den trein halen. Ik zorg voor hotel en alles, jullie bent eenige dagen mijn gasten. Dat mag je me waarachtig als belooning voor mijn belangstelling wel toekennen. Als je weigert, zijn we voor eeuwig gebrouilleerd."

„God, Henri, 't is te veel, te veel.... dank je. Ik ben innig blij dat Jenny zoo'n kunstvriend in jou gevonden heeft."

,,'n Kunstvriend én 'n anderen vriend. Ik ben Jenny ontzaglijk genegen met 'n werkelijk vaderlijke genegenheid, zooals ik nooit voor een jong meisje heb gevoeld, en wel ómdat ze 'n dochter is van jou, van de vrouw, die, ik weet 't nu weer meer dan ooit, Mathilde, me 't meest en 't hoogst is op de wereld, 't Spijt me aan den eenen kant vreeselijk dat ze je dochter is."

„God Henri!" Zij weerde af met de hand. „Zwijg, zwijg "

„Nee, ik wil niet zwijgen, volstrekt niet, ik heb 't al die

Mathilde Polenlus. jo

Sluiten