Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoe moest hij haar uitgelachen hebben al dien tijd innerlijk .... En altijd had hij van ma gehouden, altijd!! O, dat zij, Jenny 't niet had willen merken, als hij ma zoo prees.... o.... o.... de vernedering nu; zij kón hém met meer zien! Zij kwam er nóóit over heen!"

Suzanne Polenius lag langzaam te sterven, en Frederik zag haar sterven. Zag haar met vreugde den dood ingaan, en gewaagde er niet van tot Etha, noch sprak er over tegen Mathilde of iemand anders. Eenzaam lag Suzanne haar laatste dagen af te lijden, verterend van hartzeer. En, met satersche voldoening, boog Frederik zich van tijd tot tijd zwijgend over haar heen; maar zijn blik ging als een degen door haar, de hunkerende, die vergeefs hoopte en bangde, en zeide haar meer dan duizend woorden. Hij dreef haar met zijn oogen het graf in. Het personeel at, dronk, werkte zoo weinig moge lijk, lachte, joolde; onbekommerd voor den dag van morgen, blij van hóór af te zijn, niets meer vragend.

,,'t Ging goed," jubelde Frederik zich toe, „uitstekend, hij had maar te wachten." Eens zei hij: „Heb je berouw? Wil je je kind zien?"

„Neen, ga maar weg," Zij verlangde hem nu niet eens meer bij haar bed. Zij wist thans dat zij van hem niets meer verwachten kón.

Op een middag zat Mathilde alleen thuis Ida was naar haar lessen, Trude op bureau, Jenny, nu kille, stugge, vreemde voor haar moeder, bij Etha. Zij zouden samen gaan wandelen. Mathilde had Nolette wel moeten melden, dat haar nichtje Etha voor Jenny's studie zou zorgen. „Etha voelde zich miskend, daar een vreemde dit wilde doen. Wilde hij haar, Jenny en Etha, die te Berlijn met Jenny zou samenwonen in een damespension, maar mét van den trein halen? Zou hij niet boos zijn, indien zij niet méér zeide ? Zij dankte hem echter nogmaals en nogmaals voor zijn goedheid "

Hij begreep, met zijn ondervinding van wereldman, reeds half hoe de zaken stonden. Hij smeekte Mathilde hem een onderhoud toe te staan, te Berlijn. Zijzelf kon de plaats

Sluiten