Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Door wie wordt mevrouw verpleegd?" „Door mij, mevrouw."

„Maar mijn beste meisje, dan mag je zoo iets toch met toelaten. Dat is de dood." De kamenier lachte schamper.

„Mevrouw, ik zou wel eens willen zien wie wat tegen mevrouw kan doen, als mevrouw wil. Ik at m'n boterham pas om half twee, zoo had ik voor mevrouw, die in eens 'n boel beter scheen te worden, af en an gedraafd voor allerlei onnoodige dingen nog wel, en toen ik, na hoogstens 'n kwartier,

niet Bennink? terugkwam god, ik schrok me dood

toen stond mevrouw voor me in hoed en mantel de rokken

waren wel half aan, en de laarzen ongeknoopt, maar gekleed was mevrouw. ,Haak toe, knoop dicht!' snauwde mevrouw, en of ik al zei en deed, 't moest en zou gebeuren. Anders vertelde mevrouw 't meneer en iedereen en kon ik dadelijk heen.... 't Is mijn brood óók, mevrouw. Ik dacht, nou, je kan nooit weten ook, misschien knapt mevrouw der van op, mevrouw verveelt zich misschien te veel, niet Bennink? En mevrouw was wót goed bij der weetje, mevrouw gaf bevelen als vóór mevrouws ziekte. Bennink was juist thuis met de auto .... en dus "

Mathilde had in tusschen Geesje naar boven gezonden om haar medicijnkistje, wreef Suzanne met eau de cologne, liet haar ruiken aan ether.

Suzanne kwam weer bij. De chauffeur wikkelde haar in een reisdeken, droeg haar, als ware zij een kind de auto in, de kamenier zette zich naast den grooten bundel, de chauffeur toeterde .... en het geheel verdween voor Mathilde als een benauwend vizioen uit een nachtmerrie.

„Wat was hier waarheid?

Had Frederik werkelijk zulke vreeselijkheden gezegd of waren het koortsfantazieën van Suzanne?"

Twee dagen later stierf Suzanne, zonder Etha weer te hebben gezien.

„Dood! Is mama dood?" gilde Etha. „Papa, en daar hebt u u hebt niets gezegd ervan dat mama stervende was—"

Sluiten