Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Zij wilde je niet zien, hartje, ik heb 't haar gevraagd."

„Maar papa, u had mij dan toch moeten waarschuwen en voor haar bed moeten brengen. Wie weet, als ze mij gezien had, of ze zich nog niet met me had verzoend. O papa, u weet hoeveel ik van u houd, maar of ik u dat ooit vergeven kan "

„Ja liefje, dat kan je wél wees blij dat je van zoo'n

maratre bevrijd bent ik ben óvergelukkig!"

„Papa, mama hield van u o neen, dat is te vreeselijk. En ik had haar wel vergeven, ik had haar alles vergeven, zelfs al was ze maar ziek geweest Maar op eens

dóód."

„Frederik," zei Mathilde, toen hij, en zij stond ontzet over zijn wilde satanische vreugde, zegevierend bij haar binnentrad, om haar het goede het héérlijke nieuws mede te deelen: „Weet jij dat twee dagen geleden je vrouw hier was ? "

„Was ze hier? Suzanne hier?"

Hij verbleekte zichtbaar. „Daar heeft niemand me iets van gezegd. Dat verdomde personeel! Ik zal ze!"

„Suzanne was hier. En ze zei:

„Zweer me bij wat je 't heiligst is, Frederik, bij je kind, dat 't niet waar is, dat je me die onverdiende schande niet hebt aangedaan; dat ik je nog in zekere mate kan achten."

„Ik heb je niet belasterd, Mathilde, hoe zou ik dat jóó kunnen doen, ik heb alleen Suzanne, toen ik buiten mezelf was, mijn liefde voor jou bekend "

„Je schuldige slechte liefde en zij heeft daar natuurlijk uit afgeleid dat ik ook schuldig was, en jij sprak haar niet tegen. O God, Frederik, 't is afschuwelijk. Ik had gedacht dat je toch gentleman genoeg zou zijn, om me dit

met aan te doen. God, god heb je dan niets geen fijn

gevoel meer wat zeg ik ... ? Heb je dan niets geen

waarheidszin?"

„Mathilde 't was om jou .... vergeef me, vergeef me.

20*

Sluiten