Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heid: het avondblad ligt op tafel, de haard brandt, je pantoffels staan er voor.

Maar 't is half twaalf en je vrouw ziet wit van de slaap.

In je bed lig je lang wakker door de ergernis over den verloren avond en door de azijnkurk in je maag."

„Aldus," zei de Nurksche zwager van mijn jongsten broer, „zijn door den bank de avondjes waar jullie je kostelijken tijd en je geld aan plegen te vermorsen."

Het behoeft geen betoog, dat de feestplannen van Trees ver en vèr uitgingen boven de geneugten in van dit toch wel wat eenzijdig afgemaalde soort soireetjes.

Wat drommel, je treft op zulke avondjes toch niet altijd Dirken of mevrouw Vlemings en je krijgt, toch ook nog wel eens iets anders te drinken dan verschaalde rooie wijn en slappe thee. .j&*j>»

Doch om het maar ineens te zeggen, de van Berkels hadden hun soirée grootsch opgezet.

Ze kenden Clara al zoo vele jaren, hadden een beetje meelij met die steeds maar zoekende vrouweziel, die er ondanks de meest geraffineerde listen maar nooit in had kunnen slagen „het eene noodige" in de gedaante van een echtgenoot te pakken te krijgen en zij verheugden er zich hartelijk over, dat ten lange leste het trouwlustige freuletje nu toch nog haar bestemming zou vinden in de armen van Deodaat.

Deodaat mocht wat eigenaardig wezen, een oppassend braaf mensch was hij zeker en zijn gefortuneerdheid droeg ook het hare er toe bij, om hem naar het oordeel van alle bezadigde menschen lang geen verwerpelijke partij te vinden.

Er was dus waarlijk reden om zich te verheugen over dit huwelijk, om feest te vieren.

Sluiten