Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Dag Daad "zei Clara, nog even met hem meeloopend, „zul je wuiven?"

„Ja.... ja ja....," antwoordde hij.

„Bruigom, hou je taai, hoor!" riep Karei, die weer was opgekikkerd.

„Sjig bruigom, laat je doppie hier, die waait toch af," riep Sjors.

Maar Deodaat drukte zijn panama wat vaster op zijn hoofd, maakte zonder zich om te wenden nog een beweging met zijn hand en arm, die blijkbaar als groet bedoeld was en stapte dan haastig op het toestel af.

Clara, die eenige meters voor den menschenkring, op het veld was blijven staan, keek hem na.

Deodaat was nu al bij het toestel, Fritz Maller schudde hem de hand, praatte, lachte, wees naar de lucht: Deodaat knikte en klauterde naar zijn zitplaats.

„Astie nou ferdikke es 'n ongeluk kreeg," zei Tine, „je zal 't altijd zien."

„ Ik dacht er net an," zei Sjors, met een blik op de wat zielig vereenzaamde Clara en dan plotseling naar haar toegaande, sprak hij lachend:

„Kom bruid.... de femilie fraagt of je terug komt...."

„Nog even...." antwoordde ze, „als ik hier alleen sta, ziet Daad me beter, als ik wuif."

„Hè, jullie maken een mensch angstig," zei CooS. . „Bè-je gek, 't is maar flauwigheid," lachte Tine een beetje gedwongen.

„Daar gaat-ie," zei Sjors, die bij Clara bleef staan, toen de motor begon te ronken, „wacht, ik zal 'n beetje van je af staan, dan ziet-ie jé beter as je wuift," en hij ging eenige passen opzij.

Sluiten