Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Gut.... gut.... gut...," zei Trees, „en je weet niet, waar hij is afgestapt?"

„Nee," antwoordde Karei, „dat zeien we immers al."

„En toen hij ging.... kon je niets aan hem merken?"

„Niks," zei Karei, „hij kuierde er zoo rustig naar toe of hij even een brief op de bus ging brengen...."

„t Is een pijnlijke geschiedenis," sprak van Berkel, „juffrouw de Jong.... wat denkt u er van?"

Ze haalde haar schouders op. * '

„U is er vermoedelijk al even weinig verbaasd over als ik," antwoordde ze, „Wat natuurlijk niet weg neemt, dat ik het geval ook in hooge mate betreur...."

„Maar als u iets dergelijks voorzien had,..." begon Karei verontwaardigd.

„Wat dan?" vroeg juffrouw Marie op scherpen toon. „Ben ik mijn broeders hoeder? Heb ik meegewerkt aan de trouwplannen van mijn broer met die mallotige freule? O.... ik verdedig het gedrag van mijn broer niet, wat hij nu heeft gedaan is.... ploertig...."

„O soo....!" riep Sjors.

„Maar," vervolgde juffrouw de Jong, „je wint de genegenheid van een man niet door juist altijd aan zijn arm te willen bengelen, wanneer hij alleen wil loopen, doorhem met brieven en pakjes te blijven bombardeeren, als je al lang gemerkt hebt, dat hij een hekel heeft aan correspondentie en zeker niet door de datum van het huwelijk vast te stellen en trouwannonces rond te zenden, zonder dat je je aanstaande man daar eerst in gekend hebt...."

„Dan had hij daartegen moeten protesteeren," zei Karei.

„Wat gaf dat, hij stond voor een fait accompli," antwoordde ze, „maar welbeschouwd.... kunt u zich een

Sluiten