Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook nog een blauw mantelpak an, ee? En toch zeker een corset en nog wel wat. Maar ze maakte 'n figuur..."

„Ellendig," knikte freule Tunberghe.

„Daar kan ze nou best van doodgaan," verzekerde mevrouw Kapon, „waarachtig.... 'n vriendin van me, die d'r beminde gong d'r ook vandeur en me vriendin het nadien geen gezond uur meer gehad....; eerst vol op d'r borst, afijn en dat werd peepeecee, of hoe zeggen ze tegenwoordig, 't ben allemaal zukke geleerde woorden, tering zeggen wij en in veertien maanden was ze dood. En nog van eene, dak van weet, die kreeg de bleekzucht. Dat's ook erg genoeg."

„Wie ist dat?" vroeg juffrouw Mandelbaum. . . ..

„Wie dat is," herhaalde mevrouw Kapon „nou ja, u kan ze toch nie en iedereen wil dat niét geweten hebben,"

Juffrouw Mandelbaum keek wat hulpeloos rond, begreep niet; /.'•.,,■ ::■>.. ;.. .- • ti

Juffrouw Mandelbaum vraagt niet naar de persoon," zei freule.Tunberghe dan, „maar kent het woord bleek-' zucht niet."

„Ja, eben, danke bestens," zei juffrouw Mandelbaum met een hoofdbuiging naar freule Tunberghe.

„O, bleekzucht, wat dat is?" herhaalde mevrouw Kapon, „nou, dan zie je bleek en dan mot je alsmaar zuchten." w'fü: ^->in'

„Gut," sprak freule Grevelduin, „dat Wist ik ook niet. Maar ik heb op 't oogenblik ook een kwaal en dat heet roodblaas, geloof ik, dan zie je rood en dan mot je alsmaar blazen, ee? Pfff...., wat is 't hier warm! Mevrouw Lebeu, zou die neef van u vèr wegwaaien, als we eens een raampje open zetten?"

„Johan!":riep mevrouw Lebeu. .

Sluiten