Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Nee," zei mevrouw Kapon, die nogal laatdunkend het hoofd schudde, „dat zeggen wij nooit.... Maar as ik fruile Heldenaer was, dan wist ik wel, wak dee."

„Wat dan?", vroeg Betje Vis.

„Ja, wat dan?" informeerde haar zuster.

„Ik miek 'n annenieme brief," zei mevrouw Kapon.

„Een anonyme brief?" vroeg freule Tunberghe verbaasd. „Wat wilde u daar mee bereiken?"

„Dat zóu ik wel weten,'' antwoordde mevrouw Kapon met iets geheimzinnigs dreigends in haar toon. „Een vriendin van me zus, dat was net zoo'n geval en die gong naar een waarzegster.... niet dat ik dat geloof, want dat ben ook maar menschen net als ik en u...."

Freule Tunberghe, tot wie mevrouw Kapon het woord richtte, trok even een wat hautain verwonderd gezicht.

„Maar afijn," vervolgde mevrouw Kapon, „die waarzegster zee, juffrouw, zee ze, net zoo, u schrijft een annenieme brief en 't zal ten goede komen. Dat zee ze, 't zal ten goede komen. En 't kwam wel terecht. Maar ze most er nog iets bij doen, maar dat ben 'k kwijt," besloot mevrouw Kapon.

„Ja, die waarzegsters, dat's dikwijls toch zoo vreemd, maar wij gelooven er niet an," zei Leentje.

„Nee, wij gelooven er niet an," bevestigde Betje.

„Ik vertel maar, wak weet," zei mevrouw Kapon.

„Maar," sprak freule Grevelduin, „als we noe de verlaten bruid kunnen helpen met een anonyme brief, dan zou het toch onmenschelijk zijn als we dat nalieten, ee? We kunnen er allemaal een schrijven en meneer Johan ook, dan hebben we d'r negen en juffrouw Amandelboom die schrijft er een in 't Hoogduitsch..., kijk es an...; dat geeft er nog een extra geur an...; als meneer de Jong dan nog niet terug komt vliegen, dan leit het toch an hem, ee?"

10

Sluiten