Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Stil maar," zei Sjors, „hier is je pitje en hier je stok," en hij nam die beide dingen van de tafel, zette het eerste scheef op Kras' hoofd, gaf er een klap op en drukte hem dan de stok in de hand. „En nou de deur los..., fooruitl" En Kras, overweldigd door dit zonderling krachtdadige optreden, scheen toch plotseling wat gekalmeerd te zijn, waggelde naar de deur, viel er half tegen aan en trok hem dan open.

„Ik dank u zeer," zei de burgemeester tot Sjors. „Het is heusch een brave man, maar bij trouwplechtigheden..."

„Begint het nu nog niet?" vroeg Louis.

Inderdaad was er nu niets meer, dat den aanvang der plechtigheid in den weg stond.

Deodaat en Clara zaten zoo bruidspaarachtig mogelijk naast elkaar, ieder met een takje oranjebloesem getooid, voor 't midden van de tafel tegenover den burgemeester, die ook al zat in den monumentalen stoel, waar Piet als een soort lakei zonder uniform eerbiedig achter bleef staan.

Rechts van Clara zaten de van Berkels met Tine, Koos, Tienus en Karei en naast Deodaat hadden Sjors en Louis, die de getuigen waren, plaats genomen.

Op tafel lag, behalve de papieren, ook een voorzittershamer en er stonden twee bloempotjes met veelbelovende geraniumstekjes en een bierglas met een zonnebloem er in, welke tafelversiering het werk was van Kras, die op deze wijze aan het bevel van den burgemeester om voor bloemen te zorgen, had gevolg gegeven.

Achter de balustrade, was de ruimte, die bij raadsvergaderingen bestemd was voor het publiek, al dadelijk volgeloopen met nieuwsgierige Heivoorders, die allerlei grappen uithaalden met Kras, terwijl eindelijk zich onder

Sluiten