Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Stilte!" beval de burgemeester, „hm, dus de ouders zijn allemaal overleden..., dat is anders geen gebruik..., en de wet eischt...."

Op dat oogenblik wees de vinger van Piet een passage aan in het „Handboek voor den gemeenteambtenaar," waarin de burgemeester hopeloos staarde.

„Ah juist..., ahum...," vervolgde hij dan, „in dat geval... e.... behoeven de ouders er niet bij tegenwoordig te zijn."

„Gelukkig," sneerde van Berkel.

„Hou je mond toch," fluisterde Trees.

,,'t Is hier net een leeggeloopen gekkenhuis," zei van Berkel verontwaardigd.

„Stilte," beval de burgemeester, die nog gauw eenige passages had gelezen en dan met zijn hamer tikkend.

„We gaan voort, Ik zal nu overgaan tot het voorlezen der artikelen 158, 161 en 162 van de Grondwet...." . „Wat is dat nu?" vroeg Tienus verbaasd.

Van Berkel haalde zijn schouders op.

De burgemeester hamerde, las dan: art. 158.

Het binnentreden van een woning tegen den wil van den bewoner is alleen geoorloofd....

„Met uw verlof!" onderbrak van Berkel met krachtige stem, „u haspelt alles door elkaar. U moet die artikelen uit het Burgerlijk Wetboek hebben, meneer! Met de grondwet hebben we in dit geval niets te maken."

De burgemeester keek verward om zich heen.

„De Drankwet...," grinnikte Kras..., „lees maar 'n hoofdstukkie..., hik..., uit de Drankwet.... Acht vader, nie meer...."

„Kras, ga je mee, 'k geef 'n rondje!" riep een man uit't publiek.

„Stilte," beval de burgemeester.

Sluiten