Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. door de verjaring van 30 jaren;

4. na verloop van den tijd, bij de vestiging bedongen of bepaald, (art. 718 B.W.).

Indien geene bijzondere bedingen of bepalingen omtrent het eindigen vin het recht van opstal gemaakt zijn, zal de eigenaar van den grond hetzelve kunnen doen ophouden, doch niet vroeger dan na verloop van dertig jaren, mits ten minste een jaar te voren aan dengene, die het recht van opstal heeft, bij behoorlijk exploit aanzegging doende, (art. 719 B.W.).

Sluiten