Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der toezicht van door den Resident daartoe aangewezen ambtenaren, (met dien verstande, dat niemand verplicht zal mogen worden tot het betalen van een hooger bedrag aan hoofdgeld dan vier malen het vastgesteld uniform bedrag; St. 191..

No ).

In dien omslag wordt gedurende den verderen loop van het belastingjaar geen wijziging geart. 4. bracht.

b. wordt over de districten, onderdistricten of desa's van eenig gewest, door den Directeur van Binnenlandsch Bestuur gelast, indien hem zulks op gronden van billijkheid noodig voorkomt, verband houdende met verschil in welvarendheid of in den druk der na 1913 afgeschafte heerendiensten.

Bij dezen omslag wordt de aanslag per hoofdgeldplichtige door den Directeur van Binnenlandsch Bestuur op een nader te bepalen uniform bedrag vastgesteld, dat zal zijn af te ronden tot veelvonden van 5 cent.

In die bedragen wordt geen verandering gebracht, dan om redenen van overwegend gewicht (o.a. wijziging in het oorspronkelijk uniform-bedrag), ter beoordeeling van den Diart. 32. recteur van Binnenlandsch Bestuur.

4. De BETALING VAN HET HOOFDGELD.

a. geschiedt aan het desahoofd en moet vóór den 20sten art. 7*. December van het belastingjaar zijn afgeloopen;

b. kan geschieden door de hoofdgeldplichtigen op zoodanige tijdstippen als zij verkiezen, mits bij bedra■ gen van 25 cents of veelvouden daarvan;

Is het verschuldigde bedrag minder dan 25 cent, dan wordt het ineens afbetaald; is het minder dan een veelvoud van 25 cent» dan wordt het zooveel mogelijk bij bedragen van art. 8- 25 cent afbetaald.

c. kan door den Directeur van Binnenlandsch Bestuur bij het bestaan van buitengewone en gewichtige

art. 6. redenen geheel of ten deele worden kwijtgescholden.

Sluiten