Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bovendien gaat niet de heele winst, welke door de vreemde ondernemingen wordt gemaakt, het land uit, maar wordt, jaar in jaar uit, een grooter of kleiner deel daarvan in den vorm van openlijke of stille reserves in het land gehoudèn. En niet alleen hierdoor wordt het uitheemsche kapitaal, dat de koloniën als het ware bevrucht, allengs grooter, maar bovendien heeft in elke kolonie, waar de natuurlijke bedrijfsvoorwaarden gunstig zijn en de vreemde kapitalist niet door een averechtsche financieele en bedrijfspolitiek wordt geweerd, voortdurend nieuwe kapitaaltoestrooming plaats door vestiging van nieuwe bedrijven en uitbreiding van bestaande ondernemingen. Wie bijv. voor Nederlandsch-Indië eens zou vergelijken hoeveel kapitaal er sedert het begin van de eeuw belegging zocht en hoeveel aan dividenden het land uitstroomde, zou wel tot de ontdekking komen dat de toestrooming heel wat grooter was dan de afvloeiing.

Intusschen neemt dit niet weg, dat ook Indië en zijn bewoners „Selbstzweck" zijn. Zij mogen niet worden geëxploiteerd in de ongunstige beteekenis van het woord. De geheele koloniale politiek moet er op gericht zijn, den inlander allengs zelf aan kapitaal te helpen en hem door hoogere ontwikkeling in staat te stellen, zelf de leiding van allengs grootere ondernemingen in handen te nemen. Naar gelang deze ontwikkeling voortschrijdt, zal de Indische samenleving de medewerking van den vreemden kapitalist minder noodig hebben. Maar dat gaat langzaam. In afzienbaren tijd is het nog zoover niet en zoolang het zoover niet is, heeft de inlander den vreemden kapitalist evenzeer noodig als deze den inlander. Zoolang dit zoo zijn zal, kan het ook niet anders of een deel der in Indië gemaakte winsten stroomt in den vorm van dividenden naar elders af.

Onder zulke omstandigheden is het niet te vermijden, dat de verhouding tusschen de eigenlijk gezegde inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting in een land als Indië relatief een andere is, dan in oudere landen met een belangrijk eigen kapitaal. In Nederlandsch-Indië is er niet aan te ontkomen dat aan de vennootschapsbelasting tegenover de inkomstenbelasting een hoogere plaats wordt ingeruimd dan b.v. in Nederland. Anders zou de overheid aldaar de voor haar noodige inkomsten niet kunnen verkrijgen.x)

Evenwel is het niet alleen om op dit punt te wijzen, dat ik zooeven een korte uitweiding maakte op het terrein der algemeene koloniale politiek. Ik deed dit ook om duidelijk te maken dat, al erkent men dat de vennootschappen met van elders gefourneerd kapitaal in een koloniaal land naar verhouding meer zullen moeten bijdragen dan de persoonlijke, belastingplichtigen, die • aangeslagen zijn in de inkomstenbelasting, de ontwikkeling van de geheele kolonie en

22. Noodzakelijkheid van matiging in de belasting der vennootschappen.

*) Zie ook 1.1. Korndorffer, Enkele opmerkingen in zake belastingen op naamlooze vennootschappen in Indië (Koloniale Studiën, April 1922).

Sluiten