Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden uitgebreid, maar integendeel de bestaande winstbelasting worden ingekrompen. Voor een bepaling als het bewuste artikel 11 van de dividend- en tantième-belasting inhoudt, bestaat daar derhalve nog minder reden. Evenmin is er reden voor bestendiging van de bepalingen van art. 24 lid 1, lett. a en b, van de herziene Ordonnantie op de inkomstenbelasting 1920. De vennootschap heeft in dit stelsel te betalen over haar volle uitkeering, onverschillig aan wie de uitkeering geschiedt Dit brengt de aard der belasting mede.

Ik ontveins mij niet, dat er in Indië meer nog dan hier maatregelen noodig zijn ter voorkoming van ontduiking eener uitkeeringsbelasting. Het wil mij voorkomen dat er wel practisch uitvoerbare maatregelen zijn te nemen om ontduikingen op groote schaal te ondervangen. Ik heb daarover eenige voorloopige denkbeelden, maar ik meen in het belang der zaak beter te doen met publiceering daarvan te wachten, totdat ik gelegenheid heb gehad er over van gedachten te wisselen met belastingambtenaren, die ervaring hebben van de praktijk deiheffing in Indië. Bij zulk een overleg gebeurt het vaak, dat op zich zelf niet te verwerpen denkbeelden eenigszins moeten worden gevijld en pasklaar gemaakt, aleer zij kunnen dienst doen voor het doel dat er mede wordt beoogd.

Het is intusschen duidelijk, dat de ombouw van de zoogenaamde inkomstenbelasting van naamlooze vennootschappen en overeenkomstige rechtspersonen tot een uitkeeringsbelasting eenigen tijd zal vorderen. En de bepalingen der thans geldende Ordonnantie, die het meest aanstoot geven en in de toepassinghet meest tot willekeur en administratieven omslag leiden, moeten onverwijld worden herzien. In afwachting derhalve van een dieper gaande en meer tijdroovende technische herziening zal het zaak zijn voorloopig de Ordonnantie op de inkomstenbelasting ,1920, voor zoover betreft de belasting op naamlooze vennootschappen en overeenkomstige rechtspersonen, te verbeteren op de volgende punten:

a. de inkomstenbelasting, de extrawinstbelasting en de overwinstbelasting worden vervangen door eene enkele belasting van de winst.

b. bij deze belasting wordt de tot zooveel moeilijkheid, omslag en willekeur aanleiding gevende progressieve heffing vervangen door een proportioneele.

Wat het belastingpercentage betreft, waartoe men zou kunnen gaan zonder e den ondernemingsgeest al te zeer te dempenden het vreemde kapitaal terug te houden van zich in Indië te v< stigen, meen ik dat 10 als maximum zou kunnen worden gesteld. Dat percentage is hoog/aanmerkelijk hooger dan dat van de dividenden tantième-belasting in Nederland, welke in hoofdsom 5% bedraagt; hierbij worden 33 opcenten ten behoeve van het Leeningsfonds 1914 en 30 ten behoeve van de gemeenten geheven en kunnen nog ten hoogste 18 opcenten door de ,

65. Voorkoming van ontduiking.

66. Voorloopige verbetering van de „inkomstenbelasting" van naamlooze vennootschappen.

7. Heffingspercentage.

Sluiten