Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat Duitschland in 1914 geen ander beginsel kende en huldigde, dan — het mocht kosten wat het wilde — alles te doen, waardoor het meende zijn eigenbelang te zullen dienen.

Men zou kunnen verwachten dat thans, nu de oorlog reeds enkele jaren achter den rug is, nu Europa, ja de geheele wereld, nog steeds gebukt gaat onder de noodlottige, ellendige gevolgen van den oorlog, de Duitschers de eersten zouden zijn om te begrijpen en te erkennen, dat zij in den oorlog verkeerd hebben gehandeld, dat afetfeitelijk de straf ondergaan voor hun misslagen en hun rechtsverkrachting. Tot ons leedwezen blijkt daarvan nog weinig of niets.

Een hoogstaand militair, de generaal Dr. vos Kuhl, leverde in zijn werk: Der deutsche Generalstab, in Vorbereitung und Durchführung des Welt" krieges (1920),een zeer uitvoerig betoog, waarin de ontwikkeling wordt geschetst van het gevolgde veldtochtsplan sedert von Moltke I en de toepassing daarvan wordt/toegelicht en verdedigd. Wij kunnen dat opstel niet anders beschouwen dan als een pleidooi voor het Schlieffensche plan. Het behelst tal van speculatieve beschouwingen, die de strekking hebben aan te toonen dat Duitschland, voor zijn eigen belang, geen andere keuze had. Hot moest wel besluiten door België op te rukken, omdat het anders de flank of den rug zijner legers zou blootstellen aan gevaarlijke vijandelijke ondernemingen. Over Luxemburg worde bijna niet gesproken. En over het feit dat het Duitsche rijk zich schuldig maakte aan rechtschennis, aan woordbreuk en trouweloosheid, wordt eenvoudig heengestapt. Men was er immers toe genoodzaakt i

Ook Erich Ludendorff, de groote Duitsche generaal»stelt zich op dat standpunt. In zijn jongste werk Kriegführung und Politik (1922), schrijft hij — na te hebben verklaard dat het denkbeeld

Sluiten