Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

operatieiagün taak voor het bereiken of bevorderen van het; gemeenschappelijke oorlogsdoel daarom volstrekt nog niet als afgeloopen mocht worden beschouwd. Het begreep, zeer juist daarvoor nog verder nuttig werkzaam te kunnen zijn.

Door de opstelling van het Belgische leger in de lijn der forten van de stelling van Antwerpen werd vooreerst een belangrijk deel van het grondgebied des rijks, in de provincfên Antwerpen en Vlaanderen, onttrokken aan bezetting door de Duitsche invallers. Vooös kon BeJgif, door zijn gedragslijn ondergeschikt te maken aan dïftjjier bondgenooten, werkdadig nog een belangrijke rol vervuilen in de verdere ontwikkeling van den krijg. Daarvoor moest allereeMt het doel op den voorgrond staan zooveel mogelijk van 's vijands krachten te binden, deze vast te houden aan de stelhng van Afwerpen, en zoodoende de verdere uitvoering der voorgenomen Duitsche operatiö»§;te dwarsboomen en te bemoeilijken. Voorts kon de gelegenheid worden gezocht om de binnen de stelling verzamelde macht aanvallend tegen de Duitsche observatiekorpsen te doen optreden. De mogelijkheid daarvoor kon ontstaan, op een tijdstip waarop de Fjransche en Engelsche legers met den vijand in belanfpajke gevechten gewikkeld zouden^üjn, of welj}wanneer de „evenredigheid der Belgische en Duitsche tegenovergestelde eenheden een zulkdanigen gunstigén aanval zou toelaten".

Al dadelijk moest daarbij de eispb voor oogen gehoudejfc-flfvorden» dat „ten allen prijze voor het leger een weg tot den terugtocht naar het Westen, werd behouden, uithoofde een latere samenvoeging te verzekeren." Eng tevens die, dat „de verkeerswegen van het Duitsche leger moesten worden geslecht.

De vorenbedoelde „evenredigheid" zou blijken

Sluiten