Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

to arrange an amalgamation, een combinatie tot stand brengen.

amelioration: stijging (v. een prijs).

amend: verbeteren. — amended invoice: verbeterde factuur.

amicably: to arrange matters a.: een zaak in der minne schikken.

amount: bedrag. — a. of balance: saldo. — gross a.: bruto bedrag. — net (clear) a.: netto bedrag. — to the a. of: ten bedrage van. —

ample funds: ruime middelen.

anchor: at a.: voor anker. —

anchorage: ankergrond. — a. dues: anker geld, liggeld.

animation: animo. — there was little a. among the buyers: er was weinig kooplust onder de gegadigden.

annual balance: jaarbalans, slotbalans. — a. report: jaarverslag. — a. sale: jaarlijksche opruiming.

annuitant: lijfrentenier.

annul an order: een order herroepen.

answer a debt: een schuld betalen. — a. a bill of exchange: een wissel honoreeren.

antedate: antidateeren.

apathy: flauwe (lustelooze) stemming.

applicant: sollicitant, reflectant.

application: inschrijving (op aandeelen of obligaties), — on a.: op aanvrage; bij inschrijving. — a. form = form of a.: aanvraagbilfet; inschrijvingsbiljet. — letter of a.: sollicitatiebrief.

apply for: aanvragen.

appoint: apoint; appoint; appunto (wissel dienende om een deel, of het saldo, eener schuld te betalen).

apportion between: omslaan over; verdeelen over. — apportionment: omslag.

appro, == approval. — on approval: op zicht; in commissie. — to sell on a.: op bezien van kwaliteit verkoopen.

appropriate money to (= towards): geld aanwenden (bestemmen) voor.

arbitrage: abritage (wissel). —

arbitrager: arbitrant.

arbitration: abritrage (scheidsrechterlijke uitspraak). — to go to a.: tot arbitrage overgaan. — to refer to a.: aan een scheidsgerecht onderwerpen.—arbitrator: arbiter (scheidsrechter). —

arbitrated price: parikoers.

area (of an agent): rayon (= werkkring; gebied) v. een agent.

arrangement: accoord. — to enter into an a. = to make a.s with: een accoord aangaan met.

arrear(s): achterstand, achterstallige schuld.

arrest: sequestreeren; beslag leggen op.

— to a. a vessel: een schip aan de ketting leggen (beslag leggen op).

arrivals: binnengekomen schepen. — heavy a. come forward: groote aanvoeren komen aan de markt. — Notice of a.: aankomstbericht. — advice of a. bericht van aankomst. — safe a.: de goede aankomst. — on a.: bij aankomst. —

arrivé: aankomen. — to sell to a.: na behouden aankomst verkoopen; zeilend verkoopen.

articles of Association: Statuten (der vennootschap).

as: the coffee is sold a. is: de koffie wordt voetstoots verkocht. — a. per Bill of Lading: volgens connossement.

assay: analyse (van erts), a. master:

essayeur. assets: activa; bezittingen. assign: cessionaris; gevolmachtigde. —

to a.: overdragen. — assignable:

voor overdracht vatbaar. — assignee:

rechtverkrijgende. assistant manager: onderdirecteur. association: genootschap; vereeniging.

— Articles of a.: Statuten (eener Maatschappij). — Memorandum of a.: Acte van Oprichting.

assortment: sorteering; assortiment. — a. of samples: stel monsters.

assume as a partner: als compagnon opnemen.

assured: the a.: de verzekerde.

at: ad; d. — (payment by our draft) a. 3 months: per 3 mnd. — a. sight: op zicht. — 2 bales a. 10/: 2 balen ü 10/. — curtains a. from of to 10/ per dozen: gordijnen in den prys van 5/ tot 10j per dozijn. — a. par: d pari.

attach value to: gewicht hechten aan. — with documents a.ed: met aangehechte documenten.

attend to the insurance: de assurantie bezorgen. ?I$*P

Sluiten