Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BALE - BEFORE

bill: wissel getrokken ter vereffening turn) b.: failliet gaan. — b.'s. stock:

van het saldo. ongeregelde goederen:

bale: baal. — a b. of cotton: een baal bankruptcy: faillissement. — act of

katoen (= 500 1 ). — to sell under b.: daad waaruit ierris insolventie

the b.: goederen aan balen verkoopen. blijkt. — the costs of the b. proceed-

— sample b.: monsterbaai. — slack ings: de faillissementskosten. — b. b.: wanne baal. — to b.: in balen Act: Faillissementswet. — frauduverpakken. — b.-goods: pakgoede- lent b.: bedriegelijke bankbreuk, ren. bar gold: baargoud. — gold in b.s :

baling-paper: kardoespapier; (zwaar) baargoud.

pakpapier. barred: to be b.: verjaren. — this debt

ballot: baaltje (30—60 K.G.). is b. by the Statute of Limitations:

bang: to b. the market: de markt deze schuld is verjaard,

drukken. bargain: koop. — I bought it a b.:

bank (znw): bank. — to keep money ik heb het spotgoedkoop gekocht. —

(an account) at the bank: geld op b.s for sale: Koopjes! — into the

de bank hebben; een bankconto heb- b.: op den koop toe. — a losing b.:

ben. — Banking Act: Bankwet. een schadepost. — to make a good

— deposit in b.: bankdeposito. (a bad)b.: een goeden (slechten) koop

— joint. stock b. commanditaire sluiten. — to strike a b.: een koop bankvereeniging. — b. for loans: sluiten. — to b. about the price: Kredietbank. — savings- b.: spaar- over den prijs onderhandelen. — to b. bank'. — branch b.: füiaalbank;by- for a low price: een lagen prijs bebank; succursale — b. of circulation: dingen.

Girobank. — b. of deposit: deposito barge: barge; schuit. — bargee =

bank. — b. of discount: Wisselbank. bargeman: schippersknecht).

— b. of issue: circulatiebank. — barratry: schelmerij (v. d. kapitein of the Bank = de Bank (van Engeland). het scheepsvolk).

bank-account: bank-conto. — b. bill: barrel: vat. — to b.: tonnen. — barrel-

bankwissel (van de eene bank op de led oil: olie in vaten,

andere).—b. charter: bankoctrooi.— barter: ruilhandel. — to b. away:

b.-clerk: bankiersklerk. — b. credit: verkwanselen,

bankcrediet; voorschot. — b.-holiday: base coin: valsche munt.

beurs-vacantie.. — b.-note: bankbil- batten: dikke lat; batting,

jet. — b. pass book: Rekening-cou- bbl(s): = barrel(s).

raat boekje. — Bank Post Bill: be: to be with a firm: (werkzaam)

bankassignatie. — b. rate: bank- zyn bij een firma,

disconto. — the b. rate was raised: beach: strand. — to run on the b.:

het disconto werd verhoogd. — b. op het strand zetten. — to b.: op het

reference: bankiersreferentie. strand (de kust) zetten.

bank (w.w.). Where do you b.? Wie bear: baissier; contremineur. — to b.:

is uw bankier? — to b. a cheque: d la baisse speculeeren. — to b.

een chèque inzenden ter incasseering. the market: de koersen naar beneden

— he b.ed $ 500: hij deponeerde jagen. — to b. down the price: den S 500 op de bank. koers drukken.

bankable: discontabel. bearer: toonder; houder. — (payable)

banker: bankier. to b.: (betaalbaar) aan toonder. —

banking: bankierszaken. — b. account: b. debenture: obligatie aan toonder.—

bankiersrekening. — b. Company: b. Warrant: Certificaat van Aandeel

bankvereeniging. — b. Department: aan toonder.

Af deeling v. d. Engelsche Bank, die bearish: contremine- ; baisse-. — b.

bankierszaken drijft. — b. house: reports: berichten v. d. baissiers

bankiersfirma. afkomstig. — the b. clique: de

bankrupt: gefailleerde; failliet. — to contremineurs.

be adjudicated a L.: failliet ver- bef ore: your favour is b. us: wij heb-

klaard worden. — to become (= to ben Uw geëerd schrijven voor ons. —

Sluiten