Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PRIMAGE — PROTECT

geving verhoogd worden. — to enhance (= to advance) a p.: een prijs verhoogen. — to make (= to obtain) a p.: een (goeden) prijs maken. — to reduce a p.: een pms verlagen. — reduction of p.: prijsverlaging. — to realise a p.: een prijs maken. — to shade a p.: een prijs iets lager stellen. — p.d articles: geprijsde artikelen. — p.-current: prijscourant.

— p.-list: prijslijst. — p.-tag: prijs(je) (= kaartje waarop de prijs staat aangegeven).

primage: kaplaken; premie.

prime: prima. — to sell at p. cost: tegen inkoopsprijs verkoopen. — p. entry: consent voor verificatie van accijnsgoed.

principal: 1) chef; principaal; committent; patroon; lastgever; meester. 2) kapitaal; hoofdsom. — p. office: hoofdkantoor.

prioriiy: voorkeur; voorrang. — to rank in p. to: preferent zijn boven. — to have p. over: den voorrang hebben over.

private person: particulier. — for your p. use only: privé. — p. Bank: particuliere bankinstelling. — p. bonded warehouse: particulier entrepot. — p. company: familievennootschap.

— by p. contract: onderhands. — p. debt: prüé schuld. — p. ledger: prüé grootboek. — p. office: privé kantoor. — p. sale: onderhandsche verkoop(ing). — to sell by p. treaty: onderhands verkoopen. — to sell p.ly uit de hand verkoopen; onderhands verkoopen. — p.ly subscribed: onderhands ingeteekend.

privity: with the p. of: met medeweten van.

prize-Court: prijsgericht.

proceeds: opbrengst; provenu. — net p.: netto provenu. — gross p.: bruto' opbrengst. — p. pf a sale: opbrengst eener verkooping.

procuration: procuratie. — by p. = per p.: per procuratie. — to grant a person power of p.: iemand procuratie verleenen.

procurator: procuratiehouder.

produce: opbrengst; productie. — colonial p.: koloniale waren. — p. Exchange: Goederenbeurs. — p. trade goederenhandel.

producer: producent.

production: fabrikaat; productie (= totaal van hetgeen wordt voortgebracht). — surplus p.s: overproductie (= het over geproduceerde).

productiveness: productiviteit; rentabiliteit.

profit: winst. — the expected p.: de verwachte winst. — imaginary p.: imaginaire winst. — undivided p.s: winstsaldo. — small p.s, quick returns : groote omzet, kleine winst. — it leaves me no p.: er zit geen winst voor me op. — p.-taking: winstneming. — to absorb the margin of p.: de winst opslokken. — to derive p. from: voordeel trekken uit. — to make (= to realise) a p. on: winst maken op. — margin of p.: winstcijfer. — source of p.: bron van winst. — at a p.: met winst. — to p. by: profiteeren van. — p. and loss account: winst en verliesrekening.

profitable: winstgevend. — p. price: loonende prijs.

profitableness: rentabiliteit.

proforma invoice: gefingeerde facuuu,

prohibition of export of jute: uitvoerverbod van jute.

promissory note: promesse.

promotor: oprichter.

prompt: 1) prompt; op tijd. 2) ontvangtermijn; prompt; vervaldatum. — p. cash: extra contant; contant zonder korting. — p. day: betaaldag in Mincing Lane. — p. delivery: dadelijke (= prompte) levering. — p. news: spoedig bericht. — p. ship: „prompt?' schip.

proofed: waterdicht; waterproef.

proposal: voorstel: — to accede to (= to agree to) a p.: een voorstel aanne-

| men. — to entertain a p.: ingaan op een voorstel.

proposer: aanvrager (assurantie).

pro rata: naar verhouding. — a p. charge: een pond-pondsgewijze betaling. — to make p. contributions percentsgewijze bijdragen.

prospectus: prospectus.

proteet a bill (a signature): een wissel (een handteekening) honoreeren (— betalen). — to p. a person's signature: voor de eer van iemand's handteekening opkomen.

Sluiten