Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PAS — PLAN

a fresh supply. — in maandelijksche p.en: in monthly deliveries. — de p.en tot elkaar brengen: to bring the parties together. — p.tje: parcel.

pas: het geld kwam goed te p.: the money came -very handy. — p. gisteren: only yesterday; not before yesterday.

pasmunt: change; small coin; fractional currency.

paspoort: entry.

passage: passage. — p.geld: passage (-price); fare. — p.koers: making-up price.

passagier: passenger. — eerste klas p.: cabin passenger. — tweede klas p.: second passenger. — tusschendeks p.: steerage passenger. — p.sdienst: passenger-service.

passato: dato 15 p.: dated 15th ultimo (= uit.) — anno p.: last year.

passen: op zijn plicht p.: to attend to one's duty. — het past ons nu niet de goederen in ontvangst te nemen: it does not suit us now to take delivery of the goods.

passief: liabilities. — er is een p. van: the liabilities amount to. — passieve handel: passive trade.

passiva: liabilities.

patent: patent*. — p. nemen: to take out a patent. — Uw p. ledikanten: your patents in bedsteads.

patenteeren: to take out a patent.

patroon 1. (= chef): employer *; principal. — 2. (= dessin): 'pattern; design. — De zijde is prachtig van p. : the silk is splendid in design. — de patronen zijn afgedraaid: the designs have been taken off the rollers.

pecuniair: pecuniary. — zie: geldelijk en financieel.

pen: de p. door een schuld halen: to run the pen through a debt.

penningmeester: treasurer.

per: per*. — p. as: by cart (= van = waggon). — p. ommegaande: by return of post. — p. order de City Bank, J. W.: for and on account of the City Bank, J. W. — p. postwissel: by money-order. — p. procuratie : by procuration. — 6 d. p. stuk: sixpence each. — betaling p. onze 3. maands wissel: payment by our draft at three months.

percent: percent, (wordt in het Engelsch

meestal in letters geschreven, en zelden aangeduid met het teeken %); percentage.

percentsgewijze bijdragen: to make pro rata contributions; to contribute rat(e)ably.

perforeeren: to perforate. •

permissie om binnen te varen: pratique.

permissiebiljet: permit; inspection order.

personeel: staff *. '— gebrek hebben

aan p.: to be short-nanded.

personentarief: railway fares.

personenvervoer: passenger traffic.

persoon: person; party.

persoonlijk: zich p. aanmelden: to apply in person. — p.e rekening: personal (= private) account. — p.e schulden: private debts. — p.e zekerheid: personal security. — zij zijn ons p. bekend: they are personally known to us.

petroleumvat: petroleum barrel.

pieol: picul.

pier: (landingsplaats): jetty

pijp: (=vat): pipe; butt.

pingelen: to chaffer.

plaat: sheet. — p.ijzer: sheet-iron.

plaats: place. — er'gaat op 't oogenblik

niet veel om in onze p.: tnere is not much business done just now in our city. — in de p. stellen van: to substitute for.

plaatselijk: local. — p.e behoeften: local wants.

plaatsen: zoo voordeélig mogelijk p.: to place to the best advantage. — gelden a deposito p. met 3 dagen opvragens: to place money on deposit at three days' notice. — een advertentie in de Daily News p.: to have an advertisement inserted in the Daily News. — een partijtje kunnen p.: to bave a use for a parcel; to be able to dispose of a parcel. —• de partij was moeilijk te p.: it was difficult to find buyers for the parcel.

plaatsverlies: expense of collection (at an other place).

plaatswissel: local bill.

plakzegel: adhesive stamp.

plan: plan; scheme. — een p. opvatten: to conceive a plan. — by' de regeering bestaat het p : the government internis. — van p. zijn: to pröpose;

Sluiten