Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*6o/8oo8. Lans, als voren, de punt van boven het breedst en daar aan beide sneden van twee uitsteeksels voorzien, flauw gedamasceerd. Steel met een dikken rug. Schacht bijna geheel geringd en van dakpanvormige, van onderen ook van schubvormige insnijdingen voorzien. Bus van effen geelkoper, met vele ruggen en ringen, de kraag, herhaaldelijk uitgeschulpt. Van boven een groote bos roode en zwarte haren. Z.

L. 229, 1. punt 28,3, br. 3,1, dm. schacht 2,5 cM.

12*0/1 «ó. Als voren, doch de punt driehoekig, bajonetvormig, op ronden, gegroefden steel: schacht van bijna zwart hout, geschubd en gegroefd en aan het boveneinde puntig toeloopend. Ondereinde met breede geelkoperen bus, waarop een rond plaatje f nabij het boveneinde versiering (barangang) van rood geverfd paardenhaar, met grijs touw vastgebonden. Z.

L. punt 30,5, br. 2,4, 1. schacht 198, dm. 2,5 cM.

16/85. Als voren, doch de punt flauw gedamasceerd, door een rug van den korten steel gescheiden. Schacht van roodbruin, geringd, gepolijst hout. Zilveren bus, het midden effen, de uiteinden met gedreven bladfiguren versierd, het ondereinde verdikt, met kraag. Aan het boveneinde bossen zwarte en rood geverfde haren, als voren. Z.

L. 214, 1. punt 25, br. 2,2, dm. schacht 2 cM.

,60/8000. Als voren, doch de punt bajonetvormig, met vier scherpe randen. De steel met twee diepe gleuven. Schacht van zwart geringd hout aan het ondereinde drie gouden banden. Smalle gouden bus, van onderen met driehoeken en rehef versierd, kraag met parelrand. Versiering met grijze, zwarte en roode haarbossen aan het boveneinde, ak voren. Van boven een roodkoperen band. Scheede van bruin hout, het midden met vezels omwonden, het uiteinde puntig kegelvormig. Z.

L. 236 5, 1. punt 30, br. 2,2, dm. schacht 2,5 cM. •

e. Met gevlamde punt en houten of bamboezen schacht').

1526/21. Als voren, doch de punt met drie bochten, met scherpe ruggen en groeven in de lengte; korte dikke, afgeknot kegelvormige steel met scherpen rondwanden rug. Schacnt van effen bruin hout, van boven met korte, kegelvormige verdikking; van onderen met zilveren bus, waaraan rondgaande ruggen, het ondereinde meloenvormig ingegroefd en bedekt met een kraag, waarin kruisgroeven en waarSSS eln koperen'plaatje. Scheede van bruin hout ovaal van onderen en boven met eene omgekeerd vaasvormige verdikking met zilveren beslag; op het middelste deel twee diagonaal gevlochten rotanringen. Djampoewa, Gowa.

L. 253, 1. punt 36,5, br. 4,5, dm. schacht 2,7 cM.

7*0/22 »). Als voren, doch de punt met zeven bochten. Schacht van bamboe, naar boven' dunner; nabij het ondereinde een diagonaal gevlochten rotannng, op het ondervlak een gebombeerd geelkoperen plaatje met ingegrift bladornament en gekruiste lijnen. Z. (?).

L. punt 23, br. 2,8, 1. schacht 196, dm. 1,9 cM.

124/4. Als voren, de punt met zeven bochten, gedamasceerd. Steel met dikken middenrug. Schacht van effen palmhout, aan het boveneinde een geelkoperen beslag ïïn !het- ondereinde een effen zilveren bus met verdikt ondereinde en kraag Scheede vtn Uchtbruk[ hout, ovaal in doorsnede, de uiteinden verdikt, het middengedeelte op drie plaatsen met garen omwoeld. Z. (?).

L. 227, 1. punt 33,2, br. 3, dm. schacht 2 cM.

27/216 Als voren, de punt met zeven bochten, gedamasceerd. De steel afgeknot kegelvormig met middenrug. De schacht van bruin hout, het boveneinde verdikt. Effen geelkoperen bus met kraag. Zonder scheede. Z.

L. 210, L punt 22,5, br. 2, dm. schacht 2 cM.

1) Vgl. Matthes, Atlas, pl. VIII, fig. 13.

2) Serie 730 aankoop Sept. 1889.

Sluiten