Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

c. oierau.cn.

804/260Nagelsieraad, bestaande uit een overlangs gebogen strookje hout, aan eén kant plat, aan den anderen convex, met fijne reepjes pandan-blad omwoeld; aan de platte zijde zijn in de omwoeling dwarse banden van spiraalvormig gedraaide reepen, afwisselend met effen, dwarse banden, gevormd. Tele-Adp.

L. 17, br. 2,2 cM.

804/268 *). Als voren, doch omwoeld met paarse zijde, waarin op de convexe zijde een stervormig patroon, door invlechting van reepjes gouddraad, is gevormd. — Dit sieraad wordt uitsluitend door vorstinnen op den nagel van den linkerduim gedragen, die in het breede einde, tusschen het hout en de omwoeling wordt gestoken. Geschenk der vorstin van Pare-Pare.

L. 14, br. 2 cM.

d. Ambtskleeding door poppen voorgesteld.

1108/340*). Raadsheer (pabitjara% in gala-kostuum, bestaande uit:

i°. zwarte, platte muts (songko tapong*) met vergulden rand. ...

2° baadje (Boeg. wadjoe soso«) van zwart laken, met vergulden rand. Aan den kraag en de mouwen drie geelkoperen knoopen, met roode steentjes ingelegd.

*o bëbëd (fapongi) van blauw katoen, vastgehouden door een gordel van zilverpassement, waarin een kris met scheede van het fatsoen tapi ri pando») en met lemmet sapoekala ») steekt. Tusschen de kris en het lichaam een

40. doek (pasapoe^) tapi rendd), van rood katoen met rand van groen katoen en

^«^broek van zwart laken, met het baadje een stel (sapasangingang) vormend. Makassar. H. 64 cM.

1108/3391X). Veldheer (pangoeloe djowau) in galakostuum (Boeg. kampalang), bestaande uit: , .

i° hoofddoek (tjipo1S), bestaande uit een lange strook paars katoen, met een stroox met gouddraad doorstikt, oranje katoen in het midden en aan de beide uiteinden.

20 baadje en broek (djoembapasangingangu) van paars katoen, het eerste tot over de knieën reikend, met drie geelkoperen knoopen gesloten, beide met goudpassement

°m,^° Gordel van rood katoen, 'met gouddraad doorstikt. Hierin steekt een kris met vergulde scheede (pasantimpo«) met lemmet lamba t&lloe™) en greep (pangoeloe) adjoe takala"). Daarover een c •„

4». salendang"), van rood gaas, met gouddraad doorstikt, met groene franje. Makassar.

H. 67 cM.

1) Serie 804 don. Prof. m. Wbber, Nov. 1890. — N. St. Crt. van 4 Ang. 1892, n«. 181.

2) Weber in /. A. f. E. III, Suppl. p. 42 «et pl. II, fig. 5- , „

3) Cat. Tent. Poppen Batavia, p. 80, n«. 10. — Cat. Tent. Poppen den Haag, 30.

4) Matthes, Boeg. Wdb. 195, s. v. Utj&ra. — Idem, Bgdragen, 6.

5) matthes, Boeg. Wdb. 676, s. v. songko met Atlas, pl. XIV, fig. 26.

6) O. c. 638, s. v. wadjoe met Atlas, pL XIV, fig. 6.

7) O. c. 291, s. v. taporig met Atlas, pl. XIV, fig. M»^

8) O. c. 110, s. v. pdndó. 9) O. c. 91, s. v. poekald met Atlas, pl. VII, fig. 2—3.

10) O. c. 681, s. v. 30 s&poe, b.

11) Cat. Tent. Poppen Batavia, p. 80, n°. 9. — Cat. Tent. Poppen den Haag, 29.

12) Matthes, Boeg. Wdb. 876, s. v. Sèloe, 30 e. . 13) O. c. 423, »• v. tjipó.

14) O. c. 458, s. v. djoemba en 673, s. v. s&tfging.

15) O. c. 310, s. v. timpo. 16) O. c. 551, s. v. l» l&mba: met drie bochten. 17) O. c. 876, s. v. oeloe, 3» e. 18) O. c. 751, s. v. saündang.

Sluiten