Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6<a/2<-261) Hoofdtooisels der Bissoes (siriwata *), bestaande uit twee bunde ieder van v°er reepen lontarblad, iedere bundel op toe plaatsen met wit garen^ne^JSd; de einden tot een knoop samengebonden en franjeachtig uitgesneden (25) of langs den rand gekerfd (26). Makassar.

L. 35 en 37 cM.

131/36-37 en 800/7. Als voren {siriwata), doch de uiteinden B^^rf'mrt ul £\\ of rood en zwart (37) gekleurd en trapvormig uitgesneden (36) of met btmen,7)wier blaleren door lusvormig gebogen reeper,« zijn vervangenj (37 en 7); S 3Tvan buiten met rood flanel en van binnen met wit katoen bekleed. Z.

L. 34, 34 en 32, br. 3, 2,8 en 2 cM.

800/2 en 802/1, Pasili lëppë*), bestaande uit eenige lontarbladreepen, die m hef midden naar vier zijden tot twee lussen (3) of tot een kruis (13) gefaseerd zijn,?enJjrde rinden door een ineengeknoopten reep met elkander zijn vereenigd. Symbool der bevrijding van ongeluk, ziekte, enz. Z.

L. 29,5 en 27, br. der reepen 1 cM.

Ml/ei_s, pasiii diekong»), bestaande uit twee lontarbladreepep, door een derden re^optweepletsen doorkruist, waardoor een (54) of twee (53) ^^f* einden gSormd wordePn. - Symbool van het kromme en verdraaide, waarvoor men zich te wachten heeft. Z.

L. 35,5 en 30, br. 1,1 en 1,2 cM.

i«/« en 800/4. Pasili sodo«), bestaande uit een aantal lontarbladreepen, met huiden1 Stander gevlochten'' tot een bolvormig hchaam dat. door een knms van lussen uit dezelfde reepen gevormd, wordt omringd, terwijl in de tegenover gSeldrriêhling de einden der reepen tot twee bundels zijn vereenigd door een, uit een reep gevormden knoop. Z.

Dm. midden 6,6 en 7, br. reepen x cM.

121/46 Pasili bakoe-bakoe*), bestaande uit een aantal lontarbladreepen, met hun^den^n dkaar gevlochten tot'een ^^«^^S^HS^ Door de Bissoes bii de re n gingen een voor een uit elkander geslagen en aan Doven Koofdl vaThem of haar, die gereinigd moet worden, uit elkander geslagen en, nadat de rug er mede aangeraakt is, weggeworpen. Z.

Dm. midden 4,5, br. reepen 1,1 cM.

iii/« Pasili sikoe»), bestaande uit eenige lusvormig ineengevlochten lontarbladVe'e^n mei^rechthoekig''omgebogen, diagonaal gevlochten stee - ggj^*"» het met den elleboog (Boeg. sikoe) weggestooten worden van ongeluk, ziekte, enz. L. 16, br. steel 1,2 cM. „.•,■,. ut

802/19. Pasili posi»), bestaande uit een reep lontarblad, welks midden tot vijf stomppuntige lussen in elkander is gedraaid. Z. Br. 1 cM. ,, , _•

r,./a7 Pasili woromporong"), bestaande uit zes lontarbladreepen, wier m^t\Jor^ samenloopt is? terwijl de beide einden door een zevenden reep

g Ï^XÏ ï - Hem, ** Wdb. 735, * v. siri^ta met Atlas, pl.

"g Mg^h°4deC TBlsees, P- 9 met pl II, fig. *, bovenste,

4) Matthes Ovtr dt Bisset,, pl. IV, fig. bb. - Idem, Botg. Wdb 74», *• v. *«*•

fl Matthes, Ovtr dt Bissets, pl. IV, fig./. - Idem, Mak. Wdb. 532, s. v. djtke: „krom.

6) Matthes, Ovtr dt Bissets, pl. IV, fig. gg. M

7) Matthes, Over de Bissoes, p. 37 met pl. IV, fig. ». — Wem, Jfoeg. rrao. /4 ,

8) Matthes, Over dt Bissets, p. 37 met pl. IV, fig. et.

9) Matthes, Botg. Wdb. 154, s. v. fbsi: «navel. wtru». 10) Matthes; Ovtr dt Bissets, p. 37 met pl. IV, fig. *. - Idem, Botg. Wdb. 613, s. v. g

Sluiten