Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in elkaar zijn geknoopt en trapvormig uitgesneden. Tevens sluit in de doos een ondiep, rechthoekig bakje, dat nabij het eene einde door een dwars tusschenschot in twee ongelijke deelen is verdeeld; de kleinere ruimte bevat drie kubieke doosjes en de grootere een komvormig, diagonaal gevlochten bakje met een platten bodem, die volgens het drierichtingssysteem gevlochten is, alles van bladreepen. Gowa. L. 24, br. 15, h. 11 cM.

37/348. Schelp (batoe laga a/itiltkang1), kop van een Turbo, gebruikt voor de geneesmiddelen, waarmede men medicinale stippen zet. Z. Dm. 8 cM.

1594/6. Bezweringsboek (soera9), op wit papier, geheel met potlood volgeschreven met krabbels zonder beteekenis. Omslag van wit carton, met een touwtje dichtgebonden. — Door eene vrouwelijke dokter (sanro) bij hare bezweringen gebruikt. Binamoe.

L. 18,5, br. 13 cM.

VI. Schrijfgereedschap en literatuur.

131/59. Plankje, met daarom gewonden lontarbladreepen, ten einde die met meer gemak te kunnen beschrijven. Op de eene zijde is een reepje papier geplakt, bevattende in het Boegineesch de aanwijzing van de bestemming van het voorwerp. Z.

L. 22, br. 3 cM.

706/12»). Makassaarsche brief, van den vorst van Laikang aan den Controleur van Bangkala, gedateerd 3 Januari 1887, waarin deze hulp verzoekt wegens een gestolen karbouw. Met afdruk van het zegel in Arabisch karakter (Maleisen): O&J _\j (dit is het zegel van den vorst van Laikang). Z.

706/11. Als voren, van den vorst van Laikang aan den controleur van Bangkala, gedateerd 2 December 1886, waarin Z. H. verklaart, dat hij eene zaak tusschen Sari' hoelang en Pakijo heeft uitgemaakt. Het zegel als voren, doch onduidelijker afgedrukt. Z.

706/13. Als voren, doch van slechts zes zegels, waarin de kroonprins van Gowa, ook (bij zijn eigen naam) Kraeng Katangka genaamd, verklaart, dat hij (waarschijnlijk den brenger dezes) machtigt van den S. v. H. de huishuur over November te ontvangen. Gedateerd 8 of 9 (?) December 1885. Met afdruk van zijn familiezegel in roode verf; in het midden: \j*A*>\ ^LktLwJt (sultan Idris) en aan den omtrek: „Krain Ktangka 1872." Z.

706/16. Lijst van personen, volgens opgave van den pachter te Takalar, die karbouwen, paarden of andere beesten hebben geslacht zonder het daarvoor verschuldigde geld te betalen. Opgave van namen, geslacht, aantal en verschuldigd geld. Uit het jaar 1885, blijkens het slot: ri taoeng (in het jaar) 1885. Z.

706/10. Brief, van den Regent van Tanralili aan den Controleur van Parang lol, gedateerd 14 Mei 1886. Inhoud: over gestolen paarden, die door de brengers van den brief worden opgespoord. Met afdruk van het zegel in Makassaarsche en Latijnsche karakters: karoeng tanrali „Regent van Tanral?' (lees Tanralili). Noor dér districten. Z.

513/2 *). Twee brieven, in het Maleisch, in Arabisch karakter, met bijgevoegde Nederlandsche vertaling, de eerste van den vader van Sitti Sairah aan den Poenggawa en de tweede van denzelfden schrijver aan den To Mailal&ng. De eerste is gedateerd Makassar 1825. Z.

1) Matthes, Over de Bissoes, p. 8 met pl. I, fig. 32. — Idem, Mak. Wdb. 221, s. v. 1° b&toe.

2) Matthes, Mak. Wdb. 769, s. v. i° soera.

3) N. St. Crt. van 26 Oct. 1889, n°. 253.

4) Serie 513 aankoop 7 Nov. 1885.

Sluiten