Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

804/229 Kalkkoker, van gepolijste, lichtgele bamboe; om het ondereinde een breede en om het boveneinde een smalle, hoornen ring; bodem van bruin hout, binnen den ring aan het ondereinde sluitend. Hoornen deksel met een rand binnen den koker sluitend; aan de binnenzijde met een ingegrift figuur in den vorm van een vierstralige ster versierd. Toradja's.

L. 15, dm. 2,5 cM.

804/228*). Als voren, doch met stopvormig deksel van zacht hout, de buitenzijde omwoeld met zeer fijn, zigzagvormig vlechtwerk van ongekleurde en zwarte reepjes. Toradja's.

L. 14, dm. 2,5 cM.

804/233 s). Als voren, doch met over den rand heenschuivend deksel van bamboe; koker en deksel met een, zigzagvormig van ongekleurde en zwarte reepen gevlochten, breeden ring, binnen eene even breede groeve der buitenzijde bevestigd. Toradja's.

L. 9, dm. 5 cM.

804/2264). Als voren, doch de buitenzijde versierd met ingegrifte en zwart gekleurde streepjes en met ingebrande, loodrechte, breedere strepen en driehoeken. Patroon: ringvormige strepen, ruitjes en rechthoeken. De kleinere rechthoeken bevatten twee driehoeken, wier basis den boven- en benedenkant vormt; de grootere rechthoeken met gedeelten van Swastika's gevuld. Palopo.

L. 7, dm. 5 cM.

804/227 6). Als voren, doch het ingegrifte ornament der buitenzijde veel ruwer bewerkt en zonder ingebrande, loodrechte strepen of driehoeken; de rechthoeken langs het midden van den koker alle even groot en gevuld met een zigzagomament, driehoeken, elkaar kruisende strepen, gedeelten van Swastika's en met gestileerde Andreaskruisen. Palopo.

L. 6, dm. 5,5 cM.

804/2216). Als voren, de bodem van bruin hout, het deksel naar het doorboorde midden oploopend, beide met een rand binnen den koker sluitend; de buitenzijde versierd met kruisbloemen, driehoeken, ruitjes, ringvormige strepen en langwerpige rechthoeken met eene driehoekige inkeping aan weerseinden. Palopo.

L. 13, dm. 3,5 cM.

804/2307). Als voren, doch bodem en deksel versierd met een ingegrift, stervormig figuur; de buitenzijde van den koker is versierd met reeksen van ruiten en twee reeksen van groote, langwerpige rechthoeken, die afwisselend zijn gevuld met rechthoeken, driehoeken, vierbladerige bloemen of kruisen. Door het doorboorde deksel is een koord getrokken en met een knoop daarachter bevestigd, terwijl het andere einde om het midden van den koker binnen eene ringvormige groeve is vastgeknoopt. Toradja's.

L. 8, dm. 3 cM.

804/225 8). Als voren, doch bodem en deksel onversierd, het laatste naar het schijfvormig afgeplatte midden oploopend. De buitenzijde van den koker versierd met ingegrifte, rechte en zigzagstrepen en breede, ingebrande, ringvormige en loodrechte banden, die rechthoeken omsluiten, die öf effen öf met kruisbloemen öf met effen of geruite vierkantjes gevuld zijn.

L. 15,5, dm. 3,5 cM.

2017/189). Sierbamboekoker (soeke soera'), geheel met snijwerk versierd: aan den bodem en op het bovenvlak van het deksel een ongekleurde, achtbladerige bloem

1) Weber in I. A.f. E. III, Suppl. p. 39 met pl. II, fig. 16.

2) Weber, 1. c. met pl. II, fig. 9. 3) Weber, 1. c. 38 met pl. I, fig. 18. 4) Weber, 1. c. pl. I, fig. 15. 5) Weber, 1. c. 38 met pl. I, fig. 23. 6) Weber, 1. c. 39 met pl. II, fig. 10. 7) Weber, 1. c. 38 met pl. I, fig. 16.

8) Weber, 1. c. 39 met pl. II, fig. 11.

9) Serie 2017 don. D. C. Prins, Oct. 1921.

Sluiten