Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

twee (55a) ringetjes vastgehouden. — Wordt door de Toradja's in plaats van een hoofddeksel gedragen. 247: Loewoe, 55a: Palopo. Dm. 17,5 en 17, br. ringen 4 en 3 cM.

14*6/44. Hoofdring1), rondgebogen, dubbele reep pandan (?)-bh.o\, aan de buitenzijde belegd met negen rondgaande, gespleten, rood geverfde en met grijs touw en reepjes bladscheede van een palmsoort bevestigde rotanreepen. — Voor lo Bada (r> vrouwen. Leboni,

Dm. 16,5, br. 5 cM.

1026/649. Als voren»), doch van bamboe, de binnenzijde met zwarte vezels verticaal de buitenzijde met dezelfde vezels verticaal en met gele vezels horizontaal omvlochten, waardoor een patroon ontstaat van gele en zwarte driehoeken en rechthoeken. Koelawi.

Dm. 18,5, br. 6,5 cM.

1026/652 Als voren Itali bonto*), van bamboe, de buitenzijde versierd met groepen witte cirkels met zwarte kernen op zwarten grond, omgeven door schuine, evenwijdige witte en zwarte strepen; verder door verticale, gele en roode lijnen begrensde rechthoeken gevuld met twee zwarte, een rooden en een groenen driehoek Bovendien een wit vak, gevuld met roode, ankervormige figuren (gestileerde buffelkoppen). M.

Dm. 14,5 X >7i5i b. 6 cM.

1026/654. Als voren, doch de buitenzijde versierd met groepen groote, groene en roode ruiten en driehoeken, begrensd door groene en roode, verticale banden; verder kleine roode en groene ruitjes, begrensd door zwarte, horizontale strepen en een groen vak, gevuld met vier haakvormige (gestileerde menschen?)-figuren. M.

Dm. 14 X 18,5, b. 5,5 cM.

141:6/5 Als voren4), doch de buitenzijde beschilderd met roode en paarse fengsen dwaïsbanden en rijen driehoeken en ruiten. - Oud stuk, voor vrouwen. Toare, To Bada.

Dm. 17,5, h. 6 cM. Zie pl. IV, fig. 2.

1750/19 Als voren Itali bonto% van het binnenste, zachte deel van bamboe gemaakt; de buitenzijde overtrokken met foeja en daarover groepen rood-oranje-roode, verticale strepen van katoen, de oranje met micaplaatjes; de zoo gevormde vakken beschilderd in rood, groen en zwart: ruiten met convexe zijden, vierbladerige bloemen en een vak met vier rijen verticale, roode en zwarte strepen. — Voor vrouwen. To Napoe.

■Dm- ± r4»5. b. 6,5 cM.

1456/6 Als voren»), doch de buitenzijde geheel, de binnenzijde grootendeels met rood katoen benaaid. Op de buitenzijde beplakt met bladtin in den vorm van groote en kleine kruisen, driehoeken en a >«r-randen, waarin verticale rijen ruiten, door dwarsbanden gescheiden. — Voor vrouwen. To Bada.

Dm. 16,5, h. 6,5 cM.

I) Vgl. MEYER und Richter, Celebes, I, p. 54, n". 333 met pl. XIV, fig. I.

2S Zie Sarasin, II, pl. III. , , , , ,, . ,

3) Vgl. Adriani en Kruyt, De Bare'e-sfrekende Toradja's, II, 220 met Atlas, pL hoofdstuk .kleeding en versierselen", onderaan.

4) Vgl. Sarasin, Reisen in Celebes, II, 103 vlg. — Meyer und Richter, Celebes, I, p. 54, n°. 333 met pl. XIV, fig. I. „ .lt ,

5) Sarasin, Reisen in Celebes, II, fig. 38, 41 en pl. III. - Adriani en Kruyt, Atlas, pl. hoofdstuk .kleeding en versierselen", onderaan. " '

6) Vlg. Sarasin, Reisen in Celebes, II, 103 vlg. — Meyer und Richter, Celebes, I, p. 54, n°. 333 met pl. XIV, fig. I.

Sluiten